Naar hoofdinhoud Naar footer

Deel deze pagina via:

Stel je vraag aan

Onbegrepen gedrag

Laatst bijgewerkt op: 08-04-2026

Onbegrepen of veranderend gedrag is gedrag dat afwijkt van hoe iemand zich meestal gedraagt en wat diegene wel en niet doet in het dagelijks leven. De persoon zelf of de omgeving ervaart het gedrag als storend of schadelijk voor zichzelf of anderen. Op deze pagina lees je meer over hoe je onbegrepen gedrag herkent. Je leest over waarom het belangrijk is om aandacht aan onbegrepen gedrag te geven. En je leest over de mogelijke oorzaken en gevolgen van dit gedrag.

Gedrag is communicatie. Iemand probeert iets duidelijk te maken. Gedrag kun je zien als een reactie of antwoord op iets. Bijvoorbeeld onveilig voelen, verlies van grip of begrip, machteloosheid, verlies van hoop of geen meer zicht hebben op iets positiefs. Onbegrepen gedrag komt vaak voor bij dementie. Er zijn ook andere ziekten of aandoeningen waar onbegrepen gedrag voorkomt. Denk bijvoorbeeld aan:

  • Niet-aangeboren hersenletsel (NAH)
  • Licht verstandelijke beperking (LVB) en dementie
  • Een onderliggende psychiatrische aandoening

Andere termen voor onbegrepen gedrag

Er zijn ook andere woorden voor onbegrepen gedrag. Zo staat in de richtlijn ‘Probleemgedrag bij mensen met dementie’ van Verenso het woord ‘probleemgedrag’. Signaalgedrag of veranderend gedrag wordt ook vaker gebruikt. Binnen Zorg voor Beter is ‘onbegrepen gedrag’ gebruikelijk.

Hoe herken je onbegrepen gedrag?

De volgende voorbeelden van onbegrepen gedrag zie je als verzorgende of verpleegkundige vaak:

  • Achterdocht of wantrouwen, zoals: 'Mijn spullen zijn gestolen.'
  • Agressie of irritatie, zoals: roepen, onrust overdag of ’s nachts.
  • Snelle stemmingswisselingen, zoals 'plotseling' boos worden.
  • Apathie of terugtrekken, zoals nergens aan mee willen doen.
  • Verzamelgedrag of verstopgedrag.
  • Ongepast sociaal of grensoverschrijdend gedrag naar medebewoners.

Waarom is het belangrijk om aandacht te geven aan onbegrepen gedrag?

Het is allereerst voor de persoon zelf moeilijk en verdrietig. Deze voelt zich bijvoorbeeld onveilig of begrijpt niet wat hem of haar overkomt. Daarnaast ervaren mensen in de omgeving dit gedrag vaak als hinderlijk of gevaarlijk. Ze kunnen er lastig mee omgaan. Het is belangrijk om te begrijpen wat de reden is van het onbegrepen gedrag. Beter begrip van de oorzaak maakt het mogelijk om passende oplossingen te bedenken en beter met het gedrag om te gaan. Dit draagt ook bij aan de kwaliteit van leven van de persoon.

Wat zijn mogelijke oorzaken van onbegrepen gedrag?

De ziekte kan zorgen voor onbegrepen gedrag. Er kunnen nog meer oorzaken zijn. Gedrag ontstaat in interactie. Het gaat vaak om een combinatie van factoren:

Het is belangrijk om naar het leven van de persoon tot nu toe te kijken. Wie is iemand? Wat is diens verhaal? Wat zijn belangrijke gebeurtenissen in iemands leven geweest? Hoe zat het met gezin, familie en beroep? Wat vindt iemand belangrijk? En wat heeft iemand nodig? Je persoonlijkheid, waarden en gewoonten zijn van invloed op hoe je je gedraagt. Zo kan onbegrepen gedrag ontstaan. 

Denk bij lichamelijke klachten aan obstipatie of een blaasontsteking. Ook problemen met zien of horen kunnen bepaald gedrag erger maken. Of denk aan klachten door veranderingen in medicijngebruik of door het medicijngebruik zelf. Ook pijn kan een oorzaak zijn. Pijn wordt soms niet herkend als de persoon het niet goed kan aangeven.

Er kunnen nu of eerder in het leven ook psychische klachten (zoals depressie en angststoornissen) zijn geweest, die zijn veroorzaakt door bijvoorbeeld verlies, trauma en onveilige hechting. 

Denk hierbij aan te veel of te weinig prikkels, onduidelijk dagstructuur, gebrek aan bewegingsvrijheid, akoestiek, licht en inrichting.

Als het team rondom een persoon met onbegrepen gedrag niet goed samenwerkt of er is sprake van een personeelstekort, dan heeft dat invloed op het welbevinden. Afspraken worden bijvoorbeeld niet nagekomen. Ook kan het zijn dat er geen duidelijke visie is op de benodigde zorg. Of dat de afstemming met de familie moeizaam gaat. Dus ook onze eigen reacties in de omgang en bijvoorbeeld vanuit de organisatie kunnen meespelen. 

Gevolgen van onbegrepen gedrag

De confrontatie met veranderd gedrag kan spanning en onzekerheid geven voor alle betrokkenen. Familie, zorgverleners én de persoon zelf kunnen morele stress ervaren. Morele stress is het gevoel dat je niet altijd kunt handelen naar wat je belangrijk vindt. Of dat je moet kiezen tussen verschillende waarden. Het is belangrijk om deze gevoelens te erkennen en samen te bespreken. Dan ontstaat er ruimte voor steun en begrip.

Preventieve aanpak van onbegrepen gedrag

Voorkomen van onbegrepen gedrag is beter dan ingrijpen. Er zijn factoren die in de thuissituatie kunnen worden aangepast om onrust en probleemgedrag te voorkomen. Denk aan:

  • Levensverhaal: Leer het verhaal van de bewoner kennen, diens voor- en afkeuren en gewoonten.
  • Inrichting en verlichting: Zorg voor een herkenbare, overzichtelijke omgeving met voldoende licht.
  • Sociale contacten: Moedig betekenisvolle ontmoetingen aan. En voorkom dat iemand teveel alleen is.
  • Structuur en routines: Een voorspelbare dagindeling met routines of rituelen geeft houvast en vermindert stress.
  • Omgang en communicatie: Spreek rustig in korte zinnen. Bied keuzes in plaats van opdrachten.
  • Prikkels: Verminder overprikkeling (geluid, drukte). En voorkom onderprikkeling door zinvolle activiteiten en afleiding.

Door deze preventieve maatregelen en een alerte houding ontstaat een omgeving waarin de persoon zich veilig en begrepen kan voelen. Dit kan veel gedragsproblemen voorkomen en draagt bij aan kwaliteit van leven.

Onbegrepen gedrag bij mensen met dementie

Dementie raakt veel meer dan alleen het geheugen. Gedrag verandert vaak mee: mensen kunnen onverwacht boos of verdrietig reageren, zich terugtrekken of juist ongeremd gedrag laten zien. Dat is niet alleen verwarrend voor naasten en zorgverleners, maar ook voor de persoon zelf. De emoties en morele stress die daarbij ontstaan verdienen aandacht, erkenning en gezamenlijke reflectie.