RSS 2.0
Home Thema's Hygiëne Voor de organisatie Praktijkverhalen Vivium Zorggroep doet mee aan surveillance infectieziekten van RIVM

Hygiëne

Vivium Zorggroep doet mee aan surveillance infectieziekten van RIVM

Naarderheem, onderdeel van Vivium Zorggroep, doet al jaren mee aan de landelijke surveillance voor infectieziekten in verpleeghuizen van het RIVM. Dit levert concrete gegevens op waarmee een kwaliteitsslag kan worden gemaakt in hygiëne en infectiepreventie. Ook kan het antibioticagebruik worden teruggedrongen. In de ketensamenwerking op dit gebied bestaat nog wel ruimte voor verbetering.

Astrid BeckersAstrid Beckers herinnert zich nog goed hoe ze als specialist ouderengeneeskunde in het ziekenhuis waar ze werkte, werd geraakt door wat een legionellabesmetting kan veroorzaken. 'Tegelijkertijd vond ik het ook interessant om het hele proces van die besmetting uit te vlooien', zegt ze, 'om uit te zoeken waar besmette mensen eerder zijn geweest.'

Inmiddels werkt ze bij centrum voor geriatrische revalidatiezorg Naarderheem, een onderdeel van Vivium Zorggroep (zorgspecialist in de regio Gooi en Vechtstreek, Amsterdam-Zuid en Amsterdam Nieuw-West). 'Ik ben me na die uitbraak in het onderwerp gaan verdiepen en ben ook nascholing over monitoring van infecties gaan volgen. Toen SNIV werd opgezet, heb ik daar direct contact mee gezocht. We zijn als artsen snel van start gegaan met de verschillende SNIV-metingen.'

Vivium-brede meting

De laten zien dat het vooral blaas- en longontstekingen zijn waarmee Naarderheem te maken heeft. Ook is een keer een uitbraak van gastro-enteritis voorgekomen. 'Dan doe je een interventie en zie je de verbetering', zegt Beckers. 'Dat stimuleert om door te gaan op de ingeslagen weg. Dat we vrij veel longinfecties hebben, is overigens gezien onze complexe patiëntengroep wel verklaarbaar. En de hoeveelheid blaasinfecties komt overeen met het landelijk beeld.'

De SNIV-metingen zorgen er volgens Beckers ook voor dat je kritisch gaat kijken naar je eigen functioneren. 'We zijn die metingen daarom Vivium-breed gaan toepassen. De onderlinge meting leidt zichtbaar tot betere zorgkwaliteit. Ik verbaas mij dan ook over het feit dat tot nu toe nog steeds maar minder dan dertig verpleeghuizen meedoen aan SNIV.'

Beckers is inmiddels ook lid van de adviescommissie van SNIV. 'Via spreekbeurten doe ik mijn best het als een olievlek te verspreiden', zegt ze. 'De eerste reactie is vaak: alsjeblieft niet nog een taak erbij. Het is een eyeopener voor ze als ik uitleg hoe weinig tijd het kost en hoeveel het oplevert.'

Bekijk ook de video waarin Astrid Beckers vertelt over infectiepreventie bij Vivium Zorggroep.

https://vimeo.com/194635849

Uitbraakteam

Het mooie van registreren is dat je ook kunt terugkijken in de geschiedenis van je huis, stelt Beckers. 'Van dat verleden leer je', stelt haar collega Mano Beker, teamleider. 'Je weet direct hoe je moet handelen omdat er al een draaiboek is.'

Een mooi voorbeeld is de recente uitbraak van het Norovirus in Naarderheem. Beker: 'De richtlijn gastro-enteritis - waaronder het valt - en je eigen ervaring helpen je dan om snel de diagnose te stellen en de feiten boven tafel te krijgen over wat er aan de hand is en hoeveel mensen erbij betrokken zijn. Direct wordt een uitbraakteam ingesteld dat hiermee aan de slag gaat en dat ook contact onderhoudt met de GGD, het ziekenhuis en de media. Ook is er direct contact met de mantelzorgers. Ieders rollen liggen vast in het draaiboek. Relevante vragen als 'Kunnen patiënten nog met ontslag?', 'Moeten we de afdeling sluiten?' en 'Wie moeten we informeren?' worden direct opgepakt.'

Gepaste maatregelen

Beker herinnert zich nog een brief met de tekst 'Let op, besmet' op de deur van een afdeling. 'Dat heeft een enorme impact op medewerkers en patiënten. Dat doen we dus niet meer. Je moet goede maatregelen nemen, maar niet overdrijven. We hoeven niet allemaal in witte maanpakken.'

Heel belangrijk is de aandacht voor wat er gebeurt bij overdrachtsmomenten', zegt Beckers. 'Er moet ruimte zijn om antwoorden te geven op vragen. Maar je moet ook in de gaten houden of gebeurt wat is afgesproken en of alle hulpmiddelen efficiënt worden ingezet. En niet te vergeten: monitoren wat een uitbraak kost, om tegenwicht te bieden tegen het geluid dat al die hygiëne- en infectiepreventiemaatregelen zo duur zijn.'

Rol deskundige infectiepreventie

Of het mogelijk is uitbraken volledig te voorkomen, betwijfelt Beker. 'We weten hoe essentieel is, maar ik geloof niet dat verder veel gericht onderzoek is verricht naar maatregelen waarmee uitbraken volledig te voorkomen zijn. In ieder geval moet je zorgen dat je als organisatie je kennis op peil houdt en daarin is de deskundige infectiepreventie heel belangrijk. Die kent de nieuwe richtlijnen en weet welke invloed die hebben op de protocollen die je voor je eigen organisatie hebt opgesteld.'

Beckers is voorzitter van de werkgroep hygiëne en infectiepreventie, die inmiddels organisatiebreed actief is binnen Vivium. 'Die werkgroep is al bij de start van SNIV tot stand gekomen, toen de Inspectie voor de Gezondheidszorg stelde dat de verpleeghuizen slecht scoorden in de basishygiëne. We hadden als artsen direct door dat we de SNIV-cijfers niet voor onszelf moesten houden. Een bezoek van de Inspectie leverde ons verbeterpunten op waarmee we verder aan de slag konden.'

Situatiegericht handelen

In de revalidatiesetting van Naarderheem gelden op het gebied van basishygiëne andere regels dan in de kleinschalige woonvormen voor mensen met dementie die Vivium ook heeft. 'Er is wel één richtlijn maar die moet je aanpassen aan de situatie', zegt Beckers, 'dat is een rol voor de deskundigen infectiepreventie.'

Met de ziekenhuisartsen en de apotheek vindt jaarlijks overleg plaats over het antibioticagebruik en de resistentie. 'Het beleid is onder de invloed van SNIV wel aangescherpt', aldus Beckers. 'We zien in SNIV hoeveel infecties we hebben en hoe vaak we antibiotica voorschrijven. Daar zijn we kritisch op, we zullen niet snel een kuurtje doen als iemand verward is, ook al mag dat volgens de richtlijn. Eerst uitzoeken wat de verwardheid veroorzaakt, dat is je verantwoordelijkheid als arts. Ik vind trouwens dat we nog steeds kritischer kunnen zijn in ons antibioticavoorschrijfbeleid. We weten op basis van onderzoek dat een kwart van de antibioticavoorschriften overbodig is. Daarom gaan we meedoen aan een onderzoek van VUmc naar antibioticagebruik bij urineweginfecties.'

Informatieoverdracht in de keten

De patiënten die in het revalidatiecentrum komen, komen bijna altijd uit het ziekenhuis. In de overdracht wordt streng gekeken naar de aanwezigheid van bijzonder resistente micro-organismen (brmo’s). 'Daarin is nog verbetering mogelijk', geeft Beckers toe. 'We moeten betere afspraken maken over de informatieoverdracht in de keten. In de snelheid waarmee je bij een opname moet handelen moet je altijd uitkijken dat je niet achter de feiten aanloopt. Dat is een zwakke schakel waarover we regionale afspraken moeten maken.'

Komt iemand binnen met een brmo dan wordt die behandeld en wordt vervolgens opnieuw een kweek afgenomen. 'Is zo iemand dan nog niet schoon, dan kunnen we toch niet het proces in de keten stagneren', vertelt Beckers.'‘Wel moet dan de informatie worden overgedragen naar de volgende ketenpartij. In de thuiszorg of het verpleeghuis moet dan wel de kennis aanwezig zijn om naar die informatie te handelen. In de thuiszorg loopt de kennisoverdracht hiervoor via de huisarts en in het verpleeghuis via de specialist ouderengeneeskunde. Moet de patiënt terug naar het ziekenhuis, dan wordt de behandelend arts geïnformeerd. Ook dit is weer een zwakke schakel: je weet niet of dan wordt gehandeld zoals je zelf nodig vindt op basis van de informatie die je verstrekt. Verbetering hiervan vraagt om een casemanager, zoals we die ook bij dementie kennen. Dit  vraagt om een beveiligd systeem voor overdracht van patiëntinformatie, en actieve betrokkenheid van alle partijen in de keten.'

JOUW REACTIE
Wil je een link invoegen in de tekst? Zet de link tussen vierkante haken: [www.zorgvoorbeter.nl]



 Security code