Naar hoofdinhoud Naar footer

Deel deze pagina via:

13 tips om intimiteit en seksualiteit te bespreken

Gepubliceerd op: 02-04-2021

Hoe ga je om met de behoefte aan intimiteit en seksualiteit van cliënten in de ouderenzorg? Dat bespreken is niet voor iedereen gemakkelijk. Daarom vind je in dit artikel 13 tips die je verder helpen.

Onlangs gaven Noëlle Sant en Henry Mostert van Vilans een workshop voor medewerkers die zijn aangesloten bij het Van Kleefinstituut. Tijdens die workshop kwam duidelijk naar voren hoe belangrijk het is om met elkaar te bespreken hoe om te gaan met de behoefte aan en uitingen van intimiteit en seksualiteit van bewoners en cliënten. De deelnemers aan de workshop kwamen met elkaar tot 13 tips.

13 tips om gemakkelijker te praten over intimiteit en seksualiteit in de ouderenzorg

  1. Zie de behoefte aan privacy, intimiteit en seksualiteit als een normale behoefte van ieder mens van elke leeftijd. Ga het er niet pas over hebben als er ‘probleemgedrag’ is.
  2. Heb het er met elkaar over. Maak gebruik van bestaande instrumenten om samen in gesprek te gaan als stellingenkaartjes, filmpjes en een aansprekende poster. Bekijk ze op dit kennisplein.
  3. Blijf nieuwsgierig. Wees alert op kleine aanwijzingen in je dagelijkse contacten met de cliënt. Dat kan een opmerking zijn, iets in gedrag, of bijvoorbeeld een foto op het dressoir. En soms is er juist totaal geen aanleiding of signaal.
  4. Bij het in kaart brengen van het wel en wee van een cliënt of bewoner: let ook op de behoeften aan privacy, intimiteit en seksualiteit. Zet je roze bril op! Durf bij intimiteit en privacy door te vragen, hoe ziet die behoefte er concreet uit? Waarmee moet het team rekening houden? Hoe kunnen ze ondersteunend zijn?
  5. Als je probeert een oplossing te bedenken voor iemands behoefte wees dan creatief, het is en blijft altijd maatwerk. Een voorbeeld: Een bewoner was na het bezoek van zijn vrouw en dochter steeds heel onrustig. Hij maakte dingen kapot, en maakte ook seksueel getinte opmerkingen. De oplossing was om hem na elk bezoek mee te nemen naar de trainingszaal om even te fietsen, zodat hij zijn spanning kwijt kon.
  6. Als je een oplossing bedenkt, probeer die dan uit. Het is een proces van proberen en kijken wat werkt. En kom er na een bepaalde periode op terug. Check wat het effect is, stel bij indien nodig. Doe dat in kleine stapjes.
  7. Deel je successen. Het is heel leerzaam om aan elkaar te laten zien wat werkte en wat niet.
  8. Inspireer jezelf en je teamgenoten door de ervaringen van collega’s zoals je kunt lezen in de casussen op Zorg voor Beter.
  9. Het gaat over openheid: naar elkaar als team, maar ook naar de familie. Zorg voor een veilige sfeer hiervoor, beschaam het vertrouwen niet, mensen moeten van je op aan kunnen.
  10. Sta open voor elkaars grenzen, voor elkaars normen en waarden en kom elkaar tegemoet. Respecteer elkaars grenzen.
  11. Bescherm jezelf tegen ongewenst gedrag, en kijk daarna hoe je toch iets zou kunnen doen met de behoefte van de cliënt of bewoner.
  12. Kom je er zelf of met je team niet uit, haal er dan expertise bij.
  13. Bespreek een eigen ervaring of casus bij een teamoverleg. Organiseer bij complexere vragen een moreel beraad.

Bron(nen)

Van Kleefinstituut