Naar hoofdinhoud Naar footer

Deel deze pagina via:

Stel je vraag aan

Praktijkprikkel: mondelinge medicatieopdracht

Gepubliceerd op: 09-06-2026

In de zorg komt het soms voor dat een mondelinge medicatieopdracht wordt gegeven. Bijvoorbeeld in een acute situatie of wanneer een voorschrijver telefonisch contact heeft met de apotheek. Dit kan risico’s geven. Waar moet je op letten? Je leest het in deze Praktijkprikkel van VMI (Voorkomen Medicatie‑Incidenten), onderdeel van het Instituut Verantwoord Medicijngebruik. In de Praktijkprikkels brengen zij echt gebeurde casussen onder de aandacht.

Melding bij VMI

Een kind is opgenomen omdat het meerdere insulten per uur heeft. De kinderneuroloog geeft een mondelinge medicatieopdracht aan een verpleegkundige. De verpleegkundige begrijpt dat het kind levetiracetam moet krijgen. Dit lijkt op een eerdere opdracht van 12 uur daarvoor op de spoedeisende hulp.

Ze maakt het infuus klaar en start de toediening. In het toedienregistratiesysteem staat op dat moment nog geen medicatieopdracht. Later op de dag ziet een collega dat de medicatieopdracht niet klopt met wat het kind krijgt. De kinderneuroloog zegt dat hij geen opdracht voor levetiracetam heeft gegeven. Het infuus is dan al voor de helft toegediend. De neuroloog stopt de levetiracetam en start een ander geneesmiddel.

Deze situatie kan ook bij jou voorkomen

Mondelinge medicatieopdrachten komen niet alleen voor in het ziekenhuis. Ook in de wijkverpleging en het verpleeghuis kan een voorschrijver mondeling een opdracht doorgeven. Juist in acute situaties is de kans op misverstanden groter.

Aanbevelingen

Voor verpleegkundigen en verzorgenden

  • Ga bij voorkeur uit van een opdracht in het toedienregistratiesysteem.
  • Gebruik bij een mondelinge opdracht de terugvertelmethode. 
  • Registreer de toegediende medicatie en laat deze later accorderen door de voorschrijver.
  • Geef alleen een mondelinge medicatieopdracht in spoedsituaties.
  • Controleer met de terugvertelmethode of de zorgverlener de opdracht goed heeft begrepen.
  • Controleer zo snel mogelijk of de opdracht juist is ingevoerd in het systeem.
  • Stel beleid op waarin staat wanneer medicatie mag worden toegediend op basis van een mondelinge opdracht.
  • Leg in dit beleid ook vast wat de werkwijze is en hoe de controle achteraf moet plaatsvinden.

Toelichting op de aanbevelingen

Het voorschrijven, aanpassen of stoppen van medicatie moet altijd worden geregistreerd in het dossier. Zo blijft het medicatieoverzicht volledig en actueel. In deze casus voert de verpleegkundige de mondelinge opdracht direct uit. Ze wacht niet tot de opdracht in het toedienregistratiesysteem staat en controleert later niet of de opdracht klopt. Als ze had gewacht, was de levetiracetam niet toegediend. Dat had wel kunnen zorgen voor vertraging in het behandelen van de insulten.

Wanneer wachten niet mogelijk is, gebruik dan de terugvertelmethode:

  • Schrijf de mondelinge opdracht op.
  • Lees deze voor en vraag of de opdracht klopt.
  • De voorschrijver bevestigt of corrigeert de opdracht.  

Door de opdracht op te schrijven, kan ook een tweede verpleegkundige meekijken en controleren.

Voorkomen Medicatie-Incidenten (VMI)

VMI is hét landelijk meldpunt voor medicatie-incidenten. Zowel zorgorganisaties als individuele zorgverleners kunnen medicatie-incidenten melden. VMI verzamelt en analyseert deze meldingen. De risico’s die VMI signaleert worden teruggegeven aan zorgverleners. Dit gebeurt onder andere via Praktijkprikkels. Wil jij zelf een melding maken? Dat kan via de website van VMI.

Bron

VMI

Inschrijven nieuwsbrief

Wil jij als eerste op de hoogte blijven van praktijkvoorbeelden, nieuws, tools en bijeenkomsten over de ouderenzorg? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief!


Voor meer informatie over de verwerking van persoonsgegevens, zie onze privacyverklaring.