Zorg voor Beter gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.
Ik ga akkoord met het plaatsen van cookies (inclusief tracking cookies).
Niet akkoord en lees meer

Probleemgedrag

Stappenplan probleemgedrag

Probleemgedrag vraagt om een multidisciplinaire en methodische aanpak, gericht op de onderliggende problematiek. Dit stappenplan biedt handvatten voor de behandeling van probleemgedrag bij mensen met dementie.

Dit is een verkorte versie van het stappenplan. Een uitgebreide versie staat in de Handreiking multidisciplinair werken aan probleemgedrag, zie bron onderaan pagina.

Signaleringsfase

Stap 1: Signaleren van gedrag en voorbereiding

In deze stap bepaal je samen met teamgenoten welke cliënt je met het stappenplan gaat ondersteunen. Om welk gedrag gaat het? Wie moet erbij worden betrokken? Afspraken maken is een onderdeel van het Stappenplan. Een lijstje maken met 'Wie doet wat wanneer?' is een onderdeel van deze eerste stap.

Stap 2: De probleemsituatie in kaart brengen

De probleemsituatie of hulpvraag in kaart brengen kan met behulp van een standaard observatiemethode. Betrek ook de familie hierbij. In welke situaties komt het gedrag voor? Hoe vaak? Hoe lang? Wanneer juist niet? Er zijn verschillende methoden, bijvoorbeeld: 

Stap 3: Probleemsituatie multidisciplinair in kaart brengen

De verschillende disciplines doen aanvullend onderzoek en delen hun observaties in bijvoorbeeld een bewonersbespreking of MDO (multidisciplinair overleg).

Diagnosefase

Stap 4: Begrijpen van het gedrag

Bedenk samen met andere disciplines en familie de mogelijke oorzaken, zoals vermoeidheid, te veel prikkels, verveling, pijn, nieuwe medicatie etc. Waardoor ontstaat het gedrag en waardoor wordt het in stand gehouden? In deze stap worden alle mogelijke factoren (oorzaken en gevolgen) genoteerd en met elkaar verbonden. Hierdoor ontstaat een overzicht van factoren en de relaties daartussen.

Stap 5: Wat wil je bereiken (doel bepalen)

In probleemsituaties bestaan vaak meerdere mogelijkheden tot verbetering. Idealiter verdwijnt het probleemgedrag (de probleemsituatie) helemaal. Maar dat is niet altijd haalbaar. Wat is een realistisch doel? Wil je dat het gedrag helemaal stopt of dat het vermindert? Wil je dat het gedrag wordt geaccepteerd? Wat vindt de familie of mantelzorger? Let bij deze stap op een positieve formulering: wat wil je dat er wél is?  

Behandelfase

Stap 6: Bedenk wat je gaat doen

Stap 4 (begrijpen) en stap 5 (doel bepalen) geven richting aan de te kiezen interventies. Wie gaat wat doen, wanneer, waar, hoe lang en hoe vaak? Wie bewaakt de uitvoering? Wat ga je meten en hoe ga je dat doen?

Stap 7: Voer de afspraken uit

Voor het team, maar ook voor anderen, is het belangrijk dat de interventies concreet vertaald worden in gedrag van betrokkenen. Hoe moet je concreet handelen in het algemeen of in specifieke probleemsituaties? Iedereen van wie iets wordt verwacht, moet geïnformeerd worden.

Evaluatiefase

Stap 8: Bekijk de resultaten en deel ervaringen

Systematisch/methodisch werken staat of valt met terugkoppeling van de resultaten. De belangrijkste vraag is immers of de interventie die uitgevoerd wordt effect heeft gehad. Bespreek de resultaten met elkaar (specialist ouderengeneeskunde, psycholoog, zorg, familie, andere disciplines). Wanneer treedt gedrag nu wel of niet op? Interpreteer de resultaten:

  • Is de interventie goed uitgevoerd?
  • Zijn de resultaten naar verwachting? Doel behaald?

Stap 9: Trek conclusies

Als het werkt:

  • Doorgaan, intensiveren, stoppen?
  • Hoe houd je dit resultaat vast?

Als het (nog) niet werkt:

  • Welke aanpassing is nodig?
  • Zijn andere interventies nodig?
  • Ga terug naar een eerdere stap in het stappenplan.

Reflectie:

  • Wat is geleerd? Hoe houden we dat vast?

Bron

Handreiking met stappenplan en teamevaluatie (Deel B, Verenso, 2008)

JOUW REACTIE
Wil je een link invoegen in de tekst? Zet de link tussen vierkante haken: [www.zorgvoorbeter.nl]