Signalering, diagnostiek, beleid en behandeling van veelvoorkomende mondproblemen en slikstoornissen in de palliatieve fase
Gepubliceerd op: 22-06-2026
Goede zorg begint met duidelijke informatie. Deze pdf is gebaseerd op de richtlijn Mondproblemen en slikstoornissen in de palliatieve fase. Je ziet in dit document snel wat je kunt doen bij mond- en slikklachten. Zo zet je direct de juiste stappen voor goede en passende zorg.
In het kort
Type tool
Infographic
Voor wie
Verzorgenden, Verpleegkundigen, Zorgverleners
Cliëntgroep
Ouderen, Cliënten, Bewoners
Soort kennis
Onderzoek, Praktijk
Ontwikkelaar
Kennisinstituut V&VN
De richtlijn Mondproblemen en slikstoornissen in de palliatieve fase geeft aanbevelingen voor de signalering, diagnostiek, het beleid en de behandeling van veelvoorkomende mond- en slikklachten. In deze pdf vind je per klacht duidelijke stappen die zorgverleners helpen om klachten op tijd te herkennen en goed aan te pakken. Het doel is om houvast te bieden en te zorgen voor een meer eenduidige aanpak in de zorg.
De richtlijn is bedoeld voor zorgverleners uit verschillende disciplines die werken met mensen in de palliatieve fase. Je kunt het kennisproduct gebruiken in bijvoorbeeld de wijkverpleging, hospice, ziekenhuis of verpleeghuis. Het is geschikt om te gebruiken zodra een cliënt mond- of slikklachten heeft, of wanneer je wil weten hoe je deze klachten tijdig kunt signaleren.
De richtlijn gaat in op 6 veelvoorkomende klachten:
- droge mond
- infecties en ontstekingen in de mond
- pijn in de mond
- slikstoornissen
- smaakstoornissen
- slechte adem
In de pdf zie je per klacht welke aanbevelingen er staan. Je ziet dan:
- waar je op moet letten (signalering);
- hoe je de klacht beoordeelt (diagnostiek);
- welke stappen je kunt nemen en welke behandeling mogelijk is (beleid en behandeling).
Omdat het een multidisciplinaire richtlijn is, overleg je altijd met de arts of regiebehandelaar welke zorg jij mag en kunt uitvoeren.
Je hebt de pdf met aanbevelingen uit de richtlijn Mondproblemen en slikstoornissen in de palliatieve fase nodig. Daarnaast stem je altijd met de arts of regiebehandelaar af welke onderdelen van de aanbevelingen jij mag uitvoeren.