Toon zoekbalkToon menu

Kennisplein voor verpleging, verzorging, zorg thuis en eerste lijn

Vernieuwend zorgen

Verzorgend leiderschap: ‘Open klimaat nodigt uit om mee te doen’ 10/05/2021

Bestuurder Inge Borghuis stimuleert verzorgend leiderschap in alle lagen van de organisatie. ‘Als bestuurder moet je verzorgenden daarin zo goed mogelijk ondersteunen. Met een open cultuur waarin je vertrouwen en ruimte geeft.’

Inge Borghuis is sinds 9 jaar bestuurder van Amstelring, een grote VVT-organisatie in Amsterdam en de omliggende regio. Zij is van huis uit verpleegkundige.
 
Inge vindt het belangrijk dat verzorgend leiderschap een thema is in de héle organisatie. Inge legt uit: ‘Verzorgenden en verpleegkundigen zijn samen de grootste beroepsgroep in de organisatie. Het is daarom belangrijk dat zij meedenken in alle lagen van de organisatie, van uitvoering tot en met bestuur.’

Zeggenschap op vier niveaus

Inge ziet vier niveaus waarop verzorgenden zeggenschap kunnen hebben binnen de organisatie. ‘Het belangrijkste is dat verzorgenden de ruimte voelen om het goede te doen in de relatie met de cliënt. Daarnaast is zeggenschap binnen je team van belang: heb je bijvoorbeeld invloed op je rooster? Kun je zelf vervanging regelen? Ten derde kun je je afvragen of je graag invloed hebt op wat er op locatie of in de wijk gebeurt. Tot slot heb je zeggenschap op organisatieniveau. Zo proberen wij verzorgenden altijd te betrekken bij de ondernemingsraad.’

Schep ruimte en vertrouwen

‘Verzorgenden zijn het hart van onze organisatie. Zij zijn de kurk waarop de verpleeghuizen drijven. Daarom is verzorgend leiderschap ook zo belangrijk.’

Om verzorgend leiderschap te blijven stimuleren, is het volgens Inge belangrijk dat er een open cultuur is, waarin mensen initiatief durven te nemen. ‘Bij ons in de organisatie kan iedereen formeel en informeel overal meedoen, meedenken en initiatief nemen. Het bestuur moet dat constant ondersteunen. Denk bijvoorbeeld aan het vertrouwen dat je uitstraalt en de ruimte die je geeft. De organisatie moet zich daar bewust van zijn en dat voortdurend uitdragen.’

Bied hulpbronnen

Behalve ruimte en vertrouwen zijn ook hulpbronnen heel belangrijk, aldus Inge. Als organisatie moet je zorgen dat die beschikbaar zijn en dat iedereen dat weet. Inge geeft een aantal voorbeelden: ‘Stel dat de samenwerking in het team niet goed loopt, kun je dan een coach benaderen om je daarbij te helpen? Of je hebt erge last van je schouders, weet je dan wie je kunt benaderen om je beter te leren tillen? Het is van belang dat verzorgenden deze hulpbronnen kunnen vinden en hiervan gebruik durven te maken.’

Werkplaats Verzorgend leiderschap

In de Zorg voor Beter werkplaats ‘Verzorgend leiderschap’ onderzoeken we hoe we verzorgenden kunnen faciliteren om meer leiderschap te tonen. Het resultaat van deze werkplaats is een overzichtelijke en toegankelijke bundeling van handvatten, die aansluit bij de behoeften van verzorgenden of studenten.
Naar de werkplaats

Invloed van collega’s

‘Als bestuurder heb ik natuurlijk invloed op de inrichting, de visie en het voorbeeldgedrag in de organisatie’, vertelt Inge. ‘Maar ik ben zeker niet de enige. Collega’s hebben een grote invloed op elkaar. In vrouwengemeenschappen zie je vaak dat we allemaal gelijk moeten zijn. Het wordt niet altijd meteen gewaardeerd als je je kop boven het maaiveld uitsteekt. Dat geldt ook voor leiderschap tonen. Daarvoor moet je krachtig genoeg zijn en de ruimte en het vertrouwen voelen van de organisatie en je collega’s.’

Waardeer professionals én vakmensen

Inge ziet ook dat niet iedereen zich constant wil ontwikkelen. ‘De een vindt dat veel leuker dan de ander. En dat is goed. Ik verwacht dat ook niet van iedereen. Slechts een klein groepje wil graag actief meedenken in beleid, de zogenaamde “ontwikkelprofessionals”. We moeten verzorgenden echt erkennen als vakmensen. Zij zijn cruciaal in de relatie met onze cliënten en super waardevol.’

Geloven in jezelf

‘Ik denk dat verzorgenden veel meer trots mogen hebben en dat mogen uitstralen. Wij als ondersteuners moeten dat gewoon heel erg aanmoedigen.’

Als bestuurder loopt Inge ook weleens tegen dingen aan. Inge vertelt: ‘Soms wil je verzorgenden ook écht aan tafel hebben. In een plaatselijke ondernemingsraad zie je dat verzorgenden volop meedoen en dat gaat hartstikke goed. In de centrale ondernemingsraad is dat minder. Verzorgenden vinden het vaak lastiger om deel te nemen, wanneer er grotere thema’s worden besproken. Ze zijn dan toch wat bescheiden en terughoudend.’ Volgens Inge heeft dat ook te maken met geloven dat je écht van belang bent.
 
Iets anders wat Inge lastig vindt, is dat onze omgeving het altijd heeft over verbeteren. ‘Eigenlijk zeg je dan: zoals jullie het nu doen is het niet goed genoeg. Het moet altijd beter. En dat is niet zo. Iedereen doet zijn stinkende best. Je moet ook zeggen: wat jullie doen is ontzettend waardevol.’

Creëer een ‘open’ klimaat

Wat Inge andere bestuurders wil meegeven is dat verzorgenden vaak erg bescheiden zijn: ‘Erken deze mensen in het mooie werk dat ze doen en bied hen ook de ruimte om écht deel te nemen. Zo zorg je voor een “open” klimaat dat uitnodigt om ideeën in te brengen en initiatief te nemen.’
 
Interviewer: Myrthe van der Meeren

Reageer op deze pagina

JOUW REACTIE
Wil je een link invoegen in de tekst? Zet de link tussen vierkante haken: [www.zorgvoorbeter.nl]



Reacties

klaasje 31/5/2021

Leuk en goed natuurlijk dit streven en ook nodig. Maar wat mij irriteert is het volgende: naar de mensen van de werkvloer is al jarenlang niet naar geluisterd - dat heeft tot gevolg dat de cultuur is omgedraaid naar niks meer zeggen want anders... wordt je als lastig beschouwd en kan dat gevolgen hebben...
Wat heel positief kan werken is dat bestuur / managers / leidinggevenden niet ergens in een ander gebouw of verre uithoek van een gebouw kantoor houden, maar kantoor houden/hebben direct naast of op de afdeling - dan maak je mee waarvoor jij er ook bent! Ben je direct aanwezig en voel/ruik/hoor/proef je alles wat er gebeurd. Mijn punt is: als je te ver afstaat van de werkvloer, dan kan je daarover eigenlijk niet mee praten / over beslissen - maar dat gebeurd juist wel, terwijl je niet eens weet hoe je beslissing ergens over uitwerkt op de werkvloer...
Heb jaren intramuraal gewerkt, in de OR gezeten, in de VAR en via V&VN met ronde tafel gesprek mee gedaan enz enz, maar ben er uiteindelijk mee opgehouden. Het had geen zin - kijk eerst eens naar jezelf voordat je naar de ander kijkt wat die kan doen - Wat kan jij doen? - dat is de vraag.
PS Ik ben verpleegkundige in de wijk


Cookies op de website van Zorg voor Beter

Zorg voor Beter gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.
Ik ga akkoord met het plaatsen van cookies (inclusief tracking cookies).
Niet akkoord en lees meer