Home Nieuws Nieuws 2019 januari Nieuwe criteria voor vaststellen ondervoeding

Eten en drinken

Nieuwe criteria voor vaststellen ondervoeding // 14/01/2019

Hoe stel je vast of er bij jouw cliënt sprake is van ondervoeding? In het najaar van 2018 zijn er nieuwe consensuscriteria gepresenteerd die je hierbij helpen. Deze criteria bestaan uit twee stappen, allereerst een screening en vervolgens het stellen van een diagnose.

In de screening ga je na of er sprake is van verhoogd risico op ondervoeding. Gebruik voor de screening een gevalideerd screeningsinstrument.

Diagnose

In de tweede stap stel je de diagnose ‘ondervoeding’. Doe dat op basis van twee verschillende soorten factoren:

  1. Een kenmerkende factor zoals onbedoeld gewichtsverlies, een laag BMI of verminderde spiermassa.
  2. Een oorzakelijke factor zoals verminderde voedingsinname of -opname, of een ziekte of ontsteking.

Is er sprake van minimaal één kenmerkende en één oorzakelijke factor? Dan kun je stellen dat er sprake is van ondervoeding. Vervolgens kijk je of je te maken hebt met ernstige ondervoeding of matige ondervoeding.

Oorzaken in 3 categorieën

Het is raadzaam om de ondervoeding te categoriseren aan de hand van oorzaak. Hiervoor zijn drie categorieën getypeerd:

  1. Een chronische ziekte met ontsteking (inflammatie)
  2. Een chronische ziekte met weinig tot geen ontsteking
  3. Geen ziekte, de ondervoeding wordt dan veroorzaakt door bijvoorbeeld socio-economische of omgevingsfactoren.

Nieuwe criteria lage spiermassa

Ook voor sarcopenie (de afname van spiermassa en spierkracht) zijn nieuwe criteria opgesteld. Ook hier volg je de twee stappen ‘screening’ en ‘diagnose’.

Stap 1: screening

Voor de screening op het risico op sarcopenie wordt de SARC-F vragenlijst geadviseerd. Dit is een vragenlijst met vijf items die een cliënt zelf of samen met een zorgverlener kan invullen. De vragen gaan bijvoorbeeld over hoeveel moeite het kost om iets op te tillen.

Stap 2: diagnose

Bij het stellen van de diagnose kijk je of er sprake is lage spierkracht, lage spiermassa of spierkwaliteit en een laag fysiek functioneren. In de onderstaande tabel zie je hoe je dit kunt meten.

Verschillen en overlap tussen ondervoeding en sarcopenie

Ondervoeding en sarcopenie zijn twee verschillende aandoeningen. Bij ondervoeding zijn de voedingsinname en het verbruik niet in balans. Dit treft het hele lichaam. Bij sarcopenie is sprake van verminderde spierkracht, deze aandoening treft dus alleen de spieren. Ondervoeding kan echter wel leiden tot sarcopenie, een cliënt kan dus beide aandoeningen tegelijkertijd hebben. Wees dus alert op beide aandoeningen en kijk goed of een cliënt met ondervoeding niet óók aan sarcopenie lijdt.

Lees meer over deze nieuwe criteria en bekijk handige tabellen.
JOUW REACTIE
Wil je een link invoegen in de tekst? Zet de link tussen vierkante haken: [www.zorgvoorbeter.nl]





Gratis nieuwsbrief

Meld je aan voor de gratis wekelijkse nieuwsbrief.

Bekijk nieuwsbrieven

Gratis nieuwsbrief

Meld je aan voor de gratis wekelijkse nieuwsbrief.

Bekijk nieuwsbrieven

Meer over Eten en drinken
Zorg voor Beter gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.
Ik ga akkoord met het plaatsen van cookies (inclusief tracking cookies).
Niet akkoord en lees meer