Zorgvoorbeter.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

www.zorgvoorbeter.nl

Interview met Meralda Slager

Meralda Slager is opleidingsmanager Verpleegkunde bij de Haagse Hogeschool. Zij vertelt dat zij nog niet zolang in het onderwijs werkt. Wat haar direct opviel: er is onder docenten en studenten soms nog weinig oog voor het verhaal van ouderen zelf. Voor het ontwikkelen van een nieuw curriculum 2016 -2017 werd daarom, tijdens een speciale discussiebijeenkomst met ouderen, de vraag gesteld: 'Wat vinden jullie dat studenten moeten leren over kwetsbare ouderen?'

Meralda: ‘Docenten realiseerden zich ineens hoever ze afstaan van de praktijk. Door de buitenwereld naar binnen te brengen in het onderwijs hebben zowel docenten als studenten ervaren wat zorg doet en betekent voor ouderen.

De ouderen vertelden over hun goede en slechte ervaringen. Het was een prachtig moment, omdat het voor de docenten soms lang geleden was dat zij met kwetsbare ouderen spraken. Zo hoorden zij dat ouderen het belangrijk vinden dat studenten tijdens hun opleiding leren om zich te verplaatsen in cliënten. Dat zij leren wat de impact van hun handelen voor de oudere is. Maar ook kennis over bijvoorbeeld de verzorging van aambeien vinden zij belangrijk.’

Onderscheid tussen goede en niet goede verpleegkundige

Ouderen gaven verder aan vaak niet te weten wie er aan het bed staat. Ze zien wel dat de één beter zijn werk doet dan de ander. Ze weten niet goed waar dat aan ligt. Ouderen gaven aan dat zij iemand een goede verpleegkundige of verzorgende vinden als deze persoon doet wat het beste is voor de cliënt en niet wat het beste is voor de verpleegkundige of verzorgende zelf.

Tijdens een landelijke bijeenkomst merkte Meralda op hoe lastig het is om de ervaringen van patiënten in een discussie over kwaliteit in te brengen. ‘Toen ik aangaf wat ouderen mij vertelden over herkenbaarheid zei de ene organisatie ‘dat blijkt niet uit ons onderzoek’. Een andere organisatie gaf daarop aan geen geloof te hechten aan mijn verhaal over de ervaringen van ouderen omdat het niet door onderzoek was gestaafd’. Voor Meralda is het van belang om ervaringen van patiënten op te zoeken en ze door te geven in discussies over onderzoek en kwaliteitsbeleid.

Geleidelijke weg

De discussiebijeenkomst met ouderen was niet het enige initiatief op de Haagse Hogeschool. In 2013 is samen met de stichting CCC een symposium georganiseerd over ervaringsverhalen van patiënten. Er zijn lezingen gehouden en symposia, waarvoor alle 3e jaars studenten uitgeroosterd werden, om aanwezig te kunnen zijn en opdrachten uit te voeren. Dit jaar is het symposium voor de tweede keer georganiseerd. Studenten, docenten en mensen uit het werkveld reageren enthousiast.

Verrassende reacties

Maar soms reageren mensen ook anders dan verwacht. Toen een docent tijdens dit symposium vertelde over hoe hij zich realiseerde dat hij vastzat in zijn eigen wereld en daardoor weinig wist over de ervaringen van patiënten reageerden twee docenten van een andere opleiding defensief. Ze vonden het raar dat hij dit vertelde want het is toch logisch dat je goed luistert naar patiënten.

‘Dat is natuurlijk ook wel zo,’ geeft Meralda Slager aan, ‘maar wat de docent juist probeerde uit te leggen is dat je dat ook kunt kwijt raken als hulpverlener. Daarom is het zo van belang om elke keer weer te praten over die ervaringen van patiënten. Anderen vonden het juist een prachtig verhaal.’

‘We gaan dit voorbeeld gebruiken in een casus om te laten zien wat het betrekken van cliënten en ouderen kan doen met docenten die nog niet gewend zijn om zo te werken. Voor mensen in de zorg is het soms ingewikkeld om een gevoel te laten binnenkomen.’

Leerproces in omgangsvormen

Het is voor studenten maar ook voor docenten een leerproces om op een andere manier met ouderen in gesprek te gaan. ‘Tijdens onze discussiebijeenkomst wilde een student apart gaan zitten om te eten terwijl het juist om het samen eten ging. Je merkt dat mensen moeten wennen om ouderen dan niet als doelgroep te zien maar als gesprekspartner. Het heeft de studenten en docenten wel geraakt.

Op het symposium heeft een student verteld over haar ervaringen in het directe contact met ouderen en dat het haar geraakt had. Dan zie je dat het ook een leerproces is in omgangsvormen is, hoe gastvrij ben je?

Over het algemeen zijn de reacties heel positief. Studenten worden geraakt door de verhalen en door de andere wijze van in contact komen.’

Eigen logica

‘Het is zeker nog een zoektocht om ouderenparticipatie in het onderwijs vorm te geven. Docenten zijn gewend om zaken volgens eigen logica te organiseren: een oudere wordt bijvoorbeeld om 09.00 uur ’s ochtends uitgenodigd, zonder zich te realiseren dat dit voor die oudere slecht haalbaar is. En een uitnodiging van drie kantjes is misschien niet écht uitnodigend. Dit vraagt enige organisatie.’

Vertaling naar curriculum

‘We zitten nu midden in de verandering van het curriculum en moeten nog wel een manier vinden om dit structureel vorm te geven in het onderwijs. Wij gaan de groep ouderen van de discussieavond later in het curriculumtraject nog een keer uitnodigen.

We zijn ook een minor patiëntenparticipatie aan het ontwikkelen waar we studenten een opdracht laten doen die getoetst wordt door patiënten en ouderen. Contact met ouderen in het 1e jaar is belangrijk om te zorgen dat studenten enthousiast worden om in de ouderenzorg te werken. De dialoog moet een vaste vorm gaan worden, buiten de zorgsetting, omdat we zien dat kennis opdoen op deze manier veel beter beklijft dan lijstjes afwerken of horen hoe je het moet doen.’

Dialoog als onderwijsvorm

Voor Meralda zijn het allemaal inspirerende momenten op de weg die zij is ingeslagen op de Haagse Hogeschool. Zij hoopt dat zij meer docenten meekrijgt in dit traject; dat docenten het betrekken van ouderen bij het onderwijs veel meer gaan zien als een onderwijsvorm. Ze denkt dat er nog wel een lange weg te gaan is.

‘Dit zijn stappen op weg naar, het is een geleidelijk traject, maar mensen groeien al in de gedachte. De volgende stap is: hoe vertel je het anderen? Ik denk dat daarvoor nog veel meer uitleg en het delen van ervaringen nodig is.’

Interviewer: Marion Keizer