Zorgvoorbeter.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

www.zorgvoorbeter.nl

Thema: Vrijheidsbeperking

Organisatiebeleid

Digitaal boek: In voor beter, leven in vrijheid

vrijheidsbeperking

In de publicatie 'In voor beter, leven in vrijheid' (2015) worden de opbrengsten en ervaringen van het programma 'In voor beter, leven in vrijheid' gedeeld. Zeven zorgorganisaties, zowel ouderenzorg als gehandicaptenzorg, werkten een jaar lang intensief aan het vergroten van de vrijheid van hun cliënten. In het traject ’In voor Beter, leven in vrijheid’ is naar aanleiding van eerdere ervaringen gekozen voor een nieuwe aanpak: niet het terugdringen van vrijheidsbeperkende maatregelen stond centraal, maar het werken aan optimale vrijheid voor cliënten én medewerkers. Het werken aan vrijheidsbeleving raakt daarbij alle lagen in een zorgorganisatie. In het boek komen ervaringen, dilemma's en hulpmiddelen aan bod. VWS was opdrachtgever, Vilans begeleidde de opzet en uitvoering.

Taken van management

De belangrijkste taken van het management zijn het ondersteunen van de werkvloer in het leren begrijpen van moeilijk verstaanbaar gedrag, het zoeken naar alternatieven, en het beschikbaar stellen van de nodige expertise. Daar waar vrijheid van cliënten tegen grenzen aanloopt moet het management garanderen dat vrijheidsbeperking op een verantwoorde manier plaatsvindt.

  • Er moet een visie zijn op/ten aanzien van vrijheidsbeperking
  • Zij moeten weten hoe vaak onvrijwillige zorg plaatsvindt (registraties)
  • Zij moeten de randvoorwaarden creëren (wie heeft welke verantwoordelijkheid)
  • Contact onderhouden met de inspectie
  • Elk half jaar de registraties voorzien van een toelichting

Visie op vrijheid

Voorwaarde voor het daadwerkelijk structureel verminderen van vrijheidsbeperking is een organisatiebrede visie op vrijheid en bijpassend beleid. Het is belangrijk dat er een duidelijke keuze wordt gemaakt door het management voor een non-fixatie beleid (eventueel met toevoeging: tenzij) en dat de nieuwe visie duidelijk uitgedragen wordt in de organisatie. Dit biedt medewerkers de steun die ze nodig hebben om risico’s te durven nemen. Tevens blijkt uit onderzoek (Gulpers, Bleijlevens et al. 2010) en praktijk dat het invoeren van een non-fixatiebeleid en het organiseren van de juiste randvoorwaarden het aantal vrijheidsbeperkende maatregelen drastisch laat afnemen. Belangrijke Onderdelen van het beleid zijn:

  • visie van de organisatie
  • juridisch kader
  • verdeling van verantwoordelijkheden
  • rechtsbescherming van de cliënt
  • protocollen en werkafspraken

Ook familie en cliëntvertegenwoordigers moeten op de hoogte zijn van het (nieuwe) beleid. Het verstrekken van informatie over dit onderwerp bij de intake schept duidelijkheid en voorkomt lastige situaties en vragen in een later stadium.

Richtinggevend kader vrijheidsbeperkingen

In het beleid dient u rekening te houden met het Richtinggevend kader vrijheidsbeperkingen.. Dit kader is in september 2007 uitgebracht met het oog op het wetsvoorstel Zorg en Dwang, die de wet BOPZ in de toekomst gaat vervangen. Ondanks dat de nieuwe wet nog niet is aangenomen door de Eerste Kamer moeten zorgorganisaties hun beleid en werkwijze rondom vrijheidsbeperking al wel inrichten in het verlengde van de nieuwe wet Zorg en Dwang. Download het Richtinggevend kader vrijheidsbeperkingen op Rijksoverheid.nl

Registratie

Elke zorgaanbieder moet twee keer per jaar een overzicht van onvrijwillige zorg aanbieden. Het gaat niet alleen om registreren: het bedoelde overzicht dient vergezeld te zijn van een door de bestuurder ondertekende analyse van de verleende onvrijwillige zorg.

Het registeren van vrijheidsbeperking is een verantwoordelijkheid van de gehele instelling. De RvB moet inzichtelijk hebben waar de langdurende vormen van vrijheidsbeperking verblijven en welke acties ondernomen worden teneinde de duur van hiervan te verkorten.

Verantwoordelijkheden

Zodra vrijheidsbeperking aan de orde is, moet een zorgverantwoordelijke in overleg gaan met een andere deskundige. Een arts moet altijd instemmen met medicatie en beperkingen in de bewegingsvrijheid. Domotica verdient de instemming van diverse medewerkers.

Het uitgangspunt van de Wet Zorg en dwang is dat multidisciplinair een besluit wordt genomen over onvrijwillige zorg. Dit geldt ook voor de thuiszorg. De deelnemers aan het overleg hoeven niet noodzakelijkerwijs in dienst van de zorgaanbieder te zijn.

De zorgaanbieder moet binnen zijn organisatie een multidisciplinair overleg faciliteren, waarvan de samenstelling afhankelijk is van o.a. de doelgroep cliënten en de samenwerkingsverbanden. De cliënt en/of vertegenwoordiger heeft het recht om daarbij aanwezig te zijn.

Centraal staan de vragen.

  • Wat is de oorzaak van het gedrag, welk risico loopt de cliënt?
  • Wat is precies het ernstig nadeel?
  • Is de cliënt beslissing bekwaam?
  • Kan hij zelf maatregelen nemen om het dreigend of aanwezig ernstig nadeel af te wenden?
  • Welke handelingsalternatieven hebben wij als professionals nog?

In de thuiszorg mag ook de vertegenwoordiger/cliënt een multidisciplinair team inroepen.

In de wet Zorg en dwang is een stappenplan ingebouwd. Hoe langer de onvrijwillige zorg duurt, hoe meer consultatie gewenst is. Pas als de onvrijwillige zorg langer dan drie maanden duurt, moet externe expertise worden ingezet.

Scholing

De mate van professionaliteit van een medewerker bepaalt of een medewerker ‘bevoegd en bekwaam’ is om goede zorg te bieden en bijvoorbeeld de inhoud van een ondersteuningsplan vast te stellen. Beide begrippen zijn terug te vinden in de Wet BIG. Bevoegdheid hangt nauw samen met de opleiding van een medewerker maar zegt nog niets over hoe een medewerker in de praktijk daadwerkelijk over diverse vaardigheden beschikt en in staat is om een handeling uit te voeren (bekwaamheid). Bijvoorbeeld het afzonderen van een cliënt, communiceren met een cliënt met dementie of omgaan met agressie van cliënten. Het toepassen van vrijheidsbeperking wordt door de wetgever niet beschouwd als een voorbehouden handeling. Dit betekent dat vrijheidsbeperking in beginsel door iedereen mag worden toegepast zonder aanvullende voorwaarden. Vrijheidsbeperking wordt, aanvullend aan de Wet BIG, beschouwd als een risicovolle handeling waarvoor de zorgaanbieder aanvullende eisen kan opstellen (wie mag vrijheidsbeperking toepassen, welke deskundigheid is vereist en op welke manier wordt gewaarborgd dat vrijheidsbeperking veilig wordt toegepast).

Wil je hierop reageren?

Jouw reactie

Wil je een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen []. Voorbeeld: [www.zorgvoorbeter.nl] of [http://www.zorgvoorbeter.nl]. Velden met een (*) zijn verplicht.