Zorgvoorbeter.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

www.zorgvoorbeter.nl

Thema: Eten/Drinken

Wegen, meten en BMI

Het gewichtsverloop geeft informatie of iemand ondervoed is of dreigt te raken.

Deze methoden geven informatie over de situatie van de cliënt. Leg deze gegevens vast.

Een betrouwbaar instrument om ondervoeding te signaleren is de SNAQ. Er is een variant voor de thuiszorg en voor woonzorgcentra. Lees meer hierover bij Ondervoeding signaleren

Wegen van de cliënt

Weeg de cliënt regelmatig, bijvoorbeeld eens per maand of 3 maanden. Weeg de cliënt steeds op dezelfde wijze. Zo kun je het gewicht op de verschillende meetmomenten vergelijken.

Aandachtspunten bij het wegen zijn.

  • Maak steeds gebruik van dezelfde weegschaal.
  • Weeg zonder schoenen, jas en andere zware kleding.
  • Weeg wanneer mogelijk op een vast tijdstip, bij voorkeur in de ochtend.
  • Weeg de cliënt zo mogelijk met een lege blaas.

Noteer de gegevens op het daarvoor bestemde formulier. Houd rekening met oedeem en/of ascites. Dit kan het gewicht(sverloop) beïnvloeden.

Ook als de cliënt zichzelf weegt is het belangrijk om te weten hoe er gewogen is en of de waarden te vergelijken zijn. (bron: Vilans. Goed wegen is een kunst, 2007)

Meten van de cliënt

Normaal gesproken wordt de lichaamslengte van een cliënt staand gemeten met behulp van een meetlat. Maar het gebruik van een meetlat is bij hoogbejaarden en ernstig meervoudig gehandicapten niet altijd mogelijk. Daarom zijn er andere manieren:

  • Meetlint
    Met een meetlint zijn de vormen van het lichaam te volgen. Een meetlint gebruikt u als er sprake is van contracturen. Meet de lichaamslengte van hiel tot kruin en volg de vormen van het lichaam.
  • Armspanlengte of kniehoogte
    Naarmate de contracturen toenemen, wordt de uitkomst van een meting met een meetlint onbetrouwbaarder. Een alternatief is dan om de lichaamslengte te schatten door het meten van de armspanlengte (is ongeveer gelijk aan de lichaamslengte) of de kniehoogte.
    Bij het inschatten van de lichaamslengte op basis van de kniehoogte kunt u de volgende formules gebruiken:
    • Man:  lichaamslengte in cm = (2,02 x kniehoogte in cm) - (0,04 x leeftijd in jaren)+ 64,19
    • Vrouw:  lichaamslengte in cm = (1,83 x kniehoogte in cm) -  (0,24 x leeftijd in jaren) + 84,88
  • Formule van Sienkiewicz-Sizer, 1997, Kniehoogte meting (pdf, 110 kb)

Body Mass Index

De Body Mass Index (BMI) – ook wel Quetelet Index genoemd – is een index voor het gewicht in verhouding tot de lichaamslengte. U berekent de BMI door het lichaamsgewicht in kilo’s te delen door het kwadraat van de lichaamslengte (lengte keer lengte, uitgedrukt in meters).

Voorbeeld: Iemand weegt 76 kilo en is 1,63 meter lang. De BMI van deze persoon is 28,6. Dit berekent u als volgt:
76 gedeeld door 2,66 (1,63 x 1,63) = 28,6.

De BMI is een schatting van het gezondheidsrisico van het lichaamsgewicht. Het gaat er bij de BMI dus niet om wat cosmetisch gezien het mooiste is. De BMI heeft een relatie met de hoeveelheid lichaamsvet, maar de BMI-waarden geven niet het percentage lichaamsvet aan.

Tabel: classificatie en de mogelijke risico’s bij BMI-waardes
BMI Classificatie Risico

18,5 of lager

Ondergewicht Laag (maar verhoogd risico op andere aandoeningen)

tussen 18,5 en 24,9

Normaal gewicht Gemiddeld

tussen
25 en 29,9

Overgewicht Verhoogd

30 of hoger

Obesitas Duidelijk verhoogd

Voor sommige bevolkingsgroepen, zoals Aziaten en Hindoestanen, gelden andere grenswaarden vanwege een andere lichaamsbouw. Over deze grenswaarden is nog discussie. Duidelijk is wel dat bij deze bevolkingsgroepen al bij lagere waarden sprake is van een verhoogd risico.

Classificatie van BMI bij ouderen boven de 70 jaar

De indeling van de bovenstaande BMI geldt voor volwassenen van 18 tot ongeveer 70 jaar. Voor ouderen wordt in het algemeen aangenomen dat de BMI hoger mag zijn dan voor volwassenen. Hoe hoog exact, is niet duidelijk; daar zijn verschillende meningen over. Vaak wordt het volgende onderscheid gemaakt:

  • Ondergewicht: BMI ≤ 22
  • Normaal gewicht: BMI = 22 - 27,9
  • Overgewicht: BMI = 28 - 29,9
  • Obesitas: BMI ≥ 30

Kijk voor meer informatie op de website van het Voedingscentrum.

Wil je hierop reageren?

Jouw reactie

Wil je een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen []. Voorbeeld: [www.zorgvoorbeter.nl] of [http://www.zorgvoorbeter.nl]. Velden met een (*) zijn verplicht.