Zorgvoorbeter.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

www.zorgvoorbeter.nl

Thema: Depressie

Depressie herkennen bij ouderen

Een depressie wordt bij ouderen vaak niet herkend. Dat komt omdat de klachten aan de leeftijd worden toegeschreven, maar ook omdat de klachten anders zijn dan die van jongeren.

De stemming bij depressieve ouderen is vaak mat, gelaten en lusteloos. Ze hebben vaker last van lichamelijke klachten zoals verstopping, droge mond, onverklaarbare pijn, duizeligheid, hartkloppingen, trillende handen, druk op de borst, en hoofd- en rugpijn. De depressie kan ook blijken uit kleine gedragsveranderingen, zoals afnemende zorg voor het uiterlijk en weinig belangstelling voor de dagelijkse bezigheden en hobby’s. Lees meer hierover in de folder Depressie bij ouderen (pdf) van het Fonds Psychische Gezondheid.

Video

De MeanderGroep maakte een korte praktische video (2 min.) over het herkennen en voorkomen van depressie

De verschijnselen

Verschijnselen die wijzen op depressie zijn volgens Kwaliteitsdocument 2013 VV&T, indicator 4.4:

  • Negatieve uitspraken, bijvoorbeeld uitspraken als:
    • het doet er allemaal niet meer toe
    • was ik maar dood
    • wat voor zin heeft het
    • het spijt me zo lang te hebben geleefd
    • laat me doodgaan
  • Voortdurend boos zijn op zichzelf of anderen, bijvoorbeeld:
    • laat zich gemakkelijk ergeren
    • boos op verblijf in de voorziening
    • boos op de ontvangen zorg
  • Uitingen (ook-non-verbaal) van angst die niet reëel lijken, bijvoorbeeld:
    • bang om in de steek gelaten te worden
    • bang om alleen te zijn
    • bang om samen met anderen te zijn
    • intense angst voor specifieke voorwerpen of situaties
  • Aldoor klagen over gezondheid, bijvoorbeeld:
    • om de dokter blijven vragen
    • obsessief bezorgd zijn over lichaamsfuncties
  • Herhaald angstig klagen/bezorgd zijn, niet met gezondheid samenhangend, bijvoorbeeld: zoekt steeds aandacht of geruststelling over dagindeling, maaltijden, de was, de kleren, omgang met anderen
  • Droevige, pijnlijke gelaatsuitdrukking, bijvoorbeeld:
    • diepe rimpels
    • steeds wenkbrauwen fronsen
  • Huilen, gemakkelijk in tranen uitbarsten.

Andere signalen

Naast deze risicofactoren kan de zorgverlener depressie gaan vermoeden als:

  • de cliënt, na doorvragen, aangeeft dat er psychische klachten zijn
  • er sprake is van aanhoudende moeheid of klachten zonder lichamelijke oorzaak
  • chronische pijn
  • nervositeit of slapeloosheid

Wanneer je vermoedt dat iemand depressief is, ga je in de eerste plaats met de bewoner, de collega's, die bij de bewoner betrokken zijn, en de familie overleggen. Vraag hoe zij de stemming van de bewoner en zijn interesse en plezier in activiteiten van de afgelopen twee weken beoordelen. Wanneer zij jouw vermoeden van depressie bevestigen, overleg je met de eerstverantwoordelijke en/of andere disciplines.

Het signaleren van veranderingen in het mentaal welbevinden van een cliënt, het achterhalen van mogelijke oorzaken en het zo nodig inschakelen van een deskundige behoort zeker bij depressie tot een belangrijke taak van medewerkers in de zorg.

Bron: Kwaliteitsdocument 2013 Verpleging, Verzorging en Zorg Thuis (pdf), augustus 2013, Domein D mentaal welbevinden.

Lees meer

Lees meer over het herkennen van gezondheidsrisico’s bij Thema Risicosignalering.

Wil je hierop reageren?

Jouw reactie

Wil je een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen []. Voorbeeld: [www.zorgvoorbeter.nl] of [http://www.zorgvoorbeter.nl]. Velden met een (*) zijn verplicht.