Navigatie overslaan Zorg voor Beter
U bevindt zich hier:
  1. Home
  2. Onderwerpen
  3. Verantwoorde zorg
  4. Interviews
  5. Het meten van indicatoren deel 2: De Zorgboog

Het meten van indicatoren deel 2: De Zorgboog

26 maart 2008

De sector verpleging, verzorging en zorg thuis is vorig jaar begonnen met het meten van de indicatoren uit het Kwaliteitskader Verantwoorde zorg. In deze serie vertellen zorgmedewerkers over hun ervaringen. In deel 2: Manon van den Heuvel en Judith Teunissen van De Zorgboog in Bakel.

De Zorgboog is één van de koplopers als het gaat om het meten van indicatoren. Deze organisatie deed in april vorig jaar mee aan de Landelijke Prevalentiemeting Zorgproblemen (LPZ), inclusief de module Verantwoorde zorg. Verpleegkundig specialist Manon van den Heuvel van de afdeling Innovatie en kwaliteit: “Het kost tijd en geld, maar de kwaliteitsverbetering maakt alles goed.”

Met de LPZ ook meten voor het Kwaliteitskader

De LPZ, die al jaren bestaat, is een meting die instellingen kunnen uitvoeren. Hiermee krijgen ze inzicht in het voorkomen, de preventie en de behandeling van specifieke zorgproblemen. Aangevuld met de extra module Normen Verantwoorde zorg die sinds vorig jaar aangeboden wordt, is dit voor zorgorganisaties ook een manier om alle zorginhoudelijke indicatoren uit het Kwaliteitskader te meten en aan te leveren.

Zorginhoudelijke indicatoren

De Zorgboog deed al in 2005 mee aan de LPZ, met de extra module decubitus. Vorig jaar introduceerde de Zorgboog ‘instellingbreed’ het meten van de zorginhoudelijke indicatoren. Instellingbreed betekende in dit geval dat 327 cliënten van de setting Zorg zonder Verblijf meededen, 596 cliënten van de setting Zorg met Verblijf en 594 van Zorg met Verblijf en Behandeling. Op één dag in april zijn alle cliënten van alle afdelingen onderzocht door teams van twee ‘meters’. “Een van de twee kwam van de afdeling zelf, de andere meter was onafhankelijk, van een andere afdeling”, vertelt Judith Teunissen, beleidsmedewerker bij de afdeling Innovatie en Kwaliteit.

Ook thuiszorg

Samen hebben de medewerkers bij de cliënten verschillende indicatoren gemeten, zoals ondergewicht, decubitus, incontinentie, depressieve gevoelens, medicijngebruik, agressief gedrag en valincidenten. “En in de thuiszorg hebben wijkverpleegkundigen de metingen verricht, verspreid over vier dagen”, aldus Van den Heuvel. De uitvoering lijkt daarmee sterk op die bij organisaties die de indicatoren meten met behulp van de registratieformulieren en registratietool verantwoorde zorg. De LPZ meting is echter uitgebreider, zeker met de extra modules op bepaalde onderwerpen.

Kwaliteitsverbetering

De Zorgboog gaat de komende meting vergelijken met die van 2007, die als nulmeting wordt gezien. “We hebben de eerste uitkomsten uit de LPZ-rapportage teruggekoppeld naar de teams. Op dit moment lopen er scholingen ‘op maat’, wat wil zeggen dat we per setting een passende scholing verzorgen met betrekking tot de indicatoren die minder goed scoren”, vertelt Teunissen. En haar collega voegt toe: “Voor verschillende zorgproblemen zoals vallen en ondervoeding hadden we al projecten binnen de instelling. We hopen dat bepaalde interventies van het afgelopen jaar straks terug te zien zijn in de cijfers.”

Medewerkers motiveren

De afdeling Innovatie en kwaliteit heeft wel moeite gedaan om de medewerkers te motiveren. “In eerste instantie hadden zij weinig zin in de meting, want ze hebben het al zo druk. En de meting doen is toch weer een aardige belasting”, meent Van den Heuvel. Ook daarom vindt de Zorgboog het erg belangrijk dat er verbeterplannen worden opgesteld ter verbetering van de kwaliteit van zorg en dat de resultaten worden teruggekoppeld binnen de organisatie. “Komend jaar hoeven we al minder uit te leggen, ze weten wat het oplevert en dat het gewoon bij het werk hoort. Maar het kost veel tijd, werk en geld. Dan moet de meerwaarde wel duidelijk zijn.”

Meer informatie