Navigatie overslaan Zorg voor Beter
U bevindt zich hier:
  1. Home
  2. Onderwerpen
  3. Sociale participatie
  4. Interviews
  5. ‘Wij willen dat cliënten zich minder eenzaam gaan voelen’

‘Wij willen dat cliënten zich minder eenzaam gaan voelen’

15 augustus 2007

Projectleider Harry Michon is druk bezig met de voorbereidingen van het Verbetertraject Sociale Participatie. De eerste ronde start in november. “Veel instellingen hebben belangstelling voor het verminderen van het sociaal isolement van cliënten.”

Harry Michon is wetenschappelijk medewerker bij het Trimbos Instituut en als zodanig ook projectleider voor het nieuwe Zorg voor Beter Verbetertraject Sociale participatie. Een deel van zijn werkweek werkt hij als coördinator wetenschappelijk onderzoek bij ggz-instelling Altrecht. “De combinatie van beleid en praktijk heeft als voordeel dat je direct het effect ziet op de praktijk van de zorg”, vertelt Michon.

Ook voor andere dan ggz-instellingen

Enthousiast vertelt de projectleider over de huidige stand van zaken van het verbetertraject: “Veel ggz-instellingen hebben zich al aangemeld. Maar het onderwerp sociale participatie is ook bedoeld voor instellingen in de maatschappelijke opvang, thuiszorg en gehandicaptenzorg.” Hij hoopt ook op inschrijvingen uit deze sectoren. “Ik roep de niet ggz-instellingen bij deze op om deelname te overwegen als ze de sociale participatie en integratie van hun cliënten willen verbeteren.”

Aansprekende goede voorbeelden

Bij de voorbereidingen voor dit verbetertrajct inventariseerde het Trimbos Instituut welke sociale participatie-projecten er al in de ggz-praktijk zijn. “De goede voorbeelden die we tijdens de inventarisatieperiode tegenkwamen, zijn een bron van inspiratie voor andere instellingen”, vertelt Michon. “Prachtige projecten waarvan instellingen ook aspecten kunnen gebruiken in het verbetertraject voor hun eigen instelling.” De goede voorbeelden voor sociale participatie zijn ingedeeld in vijf categorieën:

Intimiteit en seksualiteit

Een van de doelstellingen van het verbetertraject is dat instellingen meer aandacht krijgen en geven aan intimiteit en seksualiteit van cliënten. Michon: “Intimiteit heeft alles met ‘erbij horen’ te maken. We weten dat cliënten ook behoefte hebben aan seks en intimiteit. Toch is het lang niet altijd bespreekbaar. Het is eigenlijk voor alle partijen een taboe-onderwerp. Er zijn ook nog niet zoveel initiatieven. Daarom nemen we ook dit onderwerp mee en gaan we het gaandeweg vormgeven in dit verbetertraject.”

Gebruik maken van bestaande faciliteiten

Tijdens het verbetertraject is veel mogelijk, zo vertelt Michon. “Deelnemende instellingen kunnen eventueel hun krachten bundelen door samen te werken aan een project.” Hij denkt bijvoorbeeld aan samenwerking tussen een ggz-instelling en een organisatie voor maatschappelijke opvang, maar ook andere samenwerkingsverbanden zijn mogelijk. “Het is belangrijk geen nieuwe eilandjes te creëren maar zoveel mogelijk aan te sluiten bij het aanbod dat er al is.” Michon vindt het belangrijk ‘over de ggz-instellingen heen’ te kijken om gebruik te maken van elkaars kennis.

Voorbereiden is het halve werk

“Ik raad geïnteresseerde instellingen aan alvast goed na te denken over de manier waarop ze hun cliënten uit hun sociale isolement willen halen.” Harry Michon vraagt geïnteresseerde instellingen daarom alvast de sterke en zwakke punten van hun plannen te inventariseren. “Kernpunt is ook dat het resultaat van het project aan het eind van het verbetertraject meetbaar is. ”

Houd het simpel

Een andere belangrijke tip die Michon geeft: “Houd het simpel en overzichtelijk. Ook al heeft het project waaraan je werkt in eerste instantie alleen maar voordelen voor een kleine groep. Een goed kleinschalig project kan een voorbeeld zijn voor andere organisaties. Het gaat erom dat cliënten in de langdurende ggz en mensen met een verstandelijke beperking hun sociale netwerk concreet verbeteren. Dit vergroot het gevoel dat ze erbij horen. En daardoor voelen ze zich minder eenzaam.”

Meer informatie

Projectleider Harry Michon van het Verbetertraject Sociale Participatie