De feiten
Iedere organisatie kent wel een werkproces dat minder goed loopt. Bijzonder is dat er sprake is van een zekere gewenning en berusting terwijl deze gang van zaken irritaties oproept. Het is lastig, maar toch krijgt het niet de aandacht die nodig is. Er wordt met kunst- en vliegwerk wel een oplossing geïmproviseerd.
Grote Vergelers
Het Verbetertraject Slimme Werkprocessen is deels gebaseerd op de Lean-methodiek. Lean kent zeven bronnen van verspilling, ook wel de zeven Grote Vergelers genoemd:
1. Herstelwerkzaamheden
Extra werkzaamheden omdat de te leveren zorg of dienst niet in een keer goed is gegaan.
Voorbeeld: meerdere keren overleg met cliënt of familie.
2. Onnodige processtappen
Handelingen die geen waarde toevoegen maar toch plaatsvinden.
Voorbeeld: vastleggen van dezelfde gegevens op verschillende formulieren.
3. Wachten
Medewerkers die wachten, bijvoorbeeld op collega’s, tot ze verder kunnen met een taak zonder intussen een andere taak uit te voeren.
Voorbeeld: wachten op mensen die te laat zijn voor overleg.
4. Onnodige verplaatsingen
Beweging op de werkplek draagt bij aan pauzes en afwisseling. Soms kost het verlaten van de werkplek onnodig tijd.
Voorbeeld: ophalen van hulpmiddelen.
5. Transport
Soms is verplaatsing van personen of materialen nodig. En hoewel dat soms wel te vermijden is, verandert er weinig.
Voorbeeld: rondsturen van papieren cliëntendossiers.
6. Onnodige voorraden
Voorraden leiden niet zozeer tot verspilling, maar wijzen er wel op dat het slimmer kan.
Voorbeeld: te grote voorraden medicatie, verband of voeding.
7. Niet benutten van talent
Medewerkers kunnen goede ideeën hebben voor de zorgverlening of de uitvoering ervan. Niet benutten is een verspilling.
Voorbeeld: niet actief betrekken van uitvoerende medewerkers.