“Nog vaak een taboe op aanpak probleemgedrag”
Iedereen in de zorg krijgt er wel eens mee te maken: agressie, claimend gedrag of achterdocht, ook wel probleemgedrag genoemd. Veel instellingen willen er wel wat aan doen, maar weten niet hoe. Vilans steunt hen daarom en is tijdens Zorg voor Beter on Tour aanwezig om ervaringen uit te wisselen. “Als medewerkers deskundig leren omgaan met probleemgedrag wordt het vaak als vanzelf minder”, aldus workshopleider Ruth Pel-Littel.
Tijdens Zorg voor Beter on Tour, op 15 en 28 januari 2010, komen verzorgenden, verpleegkundigen en teamleiders uit de langdurige zorg uit het hele land samen om ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren. Bijvoorbeeld over werken met cliënten met probleemgedrag, waar één van de workshops over gaat.
Symptoombestrijding
Probleemgedrag in zorginstellingen is een veel voorkomende hobbel. Uit onderzoek van de Vrije Universiteit blijkt dat tienduizenden verzorgenden in de langdurige zorg er mee te maken krijgen. En dat worden er in de toekomst – door de vergrijzing en toename van ouderdomsziekten – alleen maar meer. “Door de vele verschijningsvormen, van agressief en claimend gedrag tot passiviteit, is het lastig één passende oplossing te formuleren”, vertelt Pel-Littel. “Bovendien is probleemgedrag vaak niet hét probleem, maar een symptoom van een ander, onderliggend probleem.”
Harde noot
In de afgelopen twee jaar hebben dertig zorginstellingen in Nederland meegedaan aan het Verbetertraject Probleemgedrag van Vilans. Pel-Littel: “Uit gesprekken met deelnemers kwam naar voren dat probleemgedrag binnen organisaties een harde noot kan zijn om te kraken. Er rust vaak nog een taboe op. Met het verbetertraject, maar ook met de workshops tijdens Zorg voor Beter on Tour in januari, maken we het probleem bespreekbaar. Verzorgenden leren probleemgedrag breder te zien en het niet alleen als een zaak van de bewoner te beschouwen.”
Spectaculair?
Tijdens de workshop leren de deelnemers ‘methodisch’ te werken aan (de oorzaken van) een gedragsprobleem. “Op die manier kun je door het probleemgedrag heen kijken en al je aandacht op de onderliggende oorzaken richten”, aldus de workshopleider. Die oorzaken kunnen bij de cliënt, maar ook in de sociale of fysieke omgeving liggen. “Het is vaak een kwestie van trial and error, van proberen dus. Verzorgenden hoeven daarbij overigens geen spectaculaire interventies te verwachten. Kleine veranderingen, zoals een andere plek aan de eettafel of indeling van de dag, kunnen voor cliënten grote verbeteringen opleveren.”
Steun vanuit organisatie
“Typisch voor de zorg is dat veel ad hoc gebeurt en veel wordt ingegeven door de waan van de dag. Een toename in de werkdruk en een stijgende complexiteit van zorg leidt tot een gebrek aan tijd om stil te staan bij wat er bij cliënten speelt.” Daarom is volgens Pel-Littel steun vanuit de organisatie erg belangrijk. “Teamleiders en het management kunnen er voor zorgen dat een gedegen en methodische aanpak op de prioriteitenlijst blijft staan. Dit vergt een gefaseerde en vooral ook multidisciplinaire aanpak.”
Normale manier van werken
Voor zorginstellingen die aan de slag willen met probleemgedrag zijn er veel instrumenten en producten beschikbaar. In de nabije toekomst komt daar nog een doe-het-zelf pakket bij voor instellingen die niet aan het verbetertraject deelnemen. “Deskundig, maar normaal leren omgaan met probleemgedrag moet de normale manier van werken worden”, concludeert Pel-Littel. “Want focussen op probleemgedrag, al is het maar tijdelijk, levert uiteindelijk meer inzicht in de totale cliënt en diens kwaliteit van leven op.”
Meer informatie
- Lees meer over probleemgedrag
- Lees meer over Zorg voor Beter on Tour en meld u direct aan!