Verbeteren
Het werken met de verbetermethode van Zorg voor Beter kent vier fasen:
Fase 1: analyse
In de eerste fase wordt de situatie op de afdeling geanalyseerd. Hiervoor zijn drie instrumenten ontwikkeld:
- een SWOT-analyse medicatieveiligheid
- de geeltjesmeting
- de analyse van het medicatieproces
Kijk voor deze instrumenten in de Kennisbank van Zorg voor Beter. Daarnaast kunnen de MIP/FONA-meldingen van het voorgaande jaar geanalyseerd worden.
Fase 2: Gerichte actieplanning
In de tweede verbeterfase gaat het erom doelstellingen te formuleren en uit te werken in concrete actieplannen.
Verbeterdoelen algemeen
- systematisch werken om schade bij cliƫnten als gevolg van medicatiefouten te voorkomen;
- permanent werken aan het voorkomen van medicatiefouten;
- medewerkers melden alle medicatiefouten of bijna-fouten;
- het structureel inbedden van een registratiesysteem; een operationeel registratiesysteem betekent dat meldingen worden geanalyseerd, dat de melder feedback krijgt en dat er verbeteracties op volgen;
- bewustwording van de verantwoordelijkheid voor medicatieveiligheid bij medewerkers van zorginstellingen;
- het structureel inbedden van medicatieveiligheid binnen zorginstellingen.
Fase 3: Uitvoeren verbeteracties met PDSA
De derde fase duurt het langst en bestaat uit het uitvoeren van verbeteracties met behulp van het doorlopen van de PDSA-cyclus: Plan, do, study, act. In deze fase kan, naast de algemene geeltjesmeting, gemeten worden op kleine eigen verbeteronderwerpen die stuk voor stuk worden aangepakt en verbeterd waardoor de medicatieveiligheid steeds beter wordt.
Fase 4: Borgen en verspreiden
Het borgen en verspreiden van de verbeterde werkwijze kan bij de eerste succesvolle verbeteringen direct op gang komen. Erg belangrijk daarbij is een goede communicatie met de verschillende doelgroepen, zoals medewerkers van andere afdelingen of locaties. Ook het regelmatig blijven meten is van groot belang.