Mobiele praktijk verbetert mondzorg in instellingen
Als de cliënt niet naar de tandarts gaat, dan gaat de tandarts maar naar de cliënt. Dat was de gedachte van Mike Megens, projectleider van NoviaCura. Deze organisatie heeft als doel om zorg efficiënter en breder toegankelijk te maken. De eerste pilot met een mobiele tandartsenbus is inmiddels afgerond.
Steeds meer mensen dragen geen kunstgebit, maar behouden hun eigen tanden. Dit betekent dat mondzorg ook in zorginstellingen steeds belangrijker wordt. “Instellingen zijn hier echter in veel gevallen nog niet op voorbereid”, aldus Megens. “Ik hoorde van diverse zorgverleners dat ze zich zorgen maken over de kwaliteit van de mondzorg die ze kunnen bieden. Samen met René van Venrooy, directeur van de firma Van Venrooy Utility Vehicles, heb ik besloten om onder de naam NoviaCura bij verpleeg- en verzorgingsinstellingen tandzorg mogelijk te maken in de mobiele praktijk.”
Problematiek rond mondzorg
Megens heeft zich eerst verdiept in de problematiek rond mondzorg in instellingen. “Wanneer cliënten met eigen vervoer naar een tandartspraktijk gaan, brengt dat zowel kosten voor vervoer als voor begeleiding met zich mee. Daarnaast is het belastend voor de cliënt”, legt Megens uit. “Maar als een instelling een eigen praktijk in huis heeft, staat deze vaak leeg. Intussen kost het wel tijd en geld aan onderhoud. En een tandarts die bij de instelling langskomt, kan zijn werk op de kamer van een cliënt niet goed doen.”
Mobiele praktijk
Als mogelijke oplossing voor deze problemen zagen Megens en Van Venrooy dus het gebruik van een mobiele tandartspraktijk. Deze praktijken worden al langer ingezet bij jeugdtandzorg en bij detentiecentra. Van oktober 2007 tot en met mei 2008 heeft NoviaCura in Tilburg een pilotproject uitgevoerd, in samenwerking met de maatschappelijke stichting De Wever in Tilburg en Stichting Zorgnetwerk Midden-Brabant. Het belangrijkste doel van het pilotproject was te onderzoeken wat de invloed van het gebruik van een mobiele praktijk is op de tandheelkundige verzorging van de bewoners van verpleeg- en verzorgingstehuizen.
Opzet van het pilotproject
De pilot omvatte meerdere testdagen. “Tijdens zo’n testdag bezocht een aantal bewoners van een zorglocatie de mobiele praktijk aan huis”, legt Megens uit. “Onze behandelstoel is een speciaal ontwikkelde rolstoel, die de functionaliteit heeft van een tandartsstoel. Cliënten hoeven dan niet van stoel te wisselen. Terwijl de ene cliënt behandeld wordt, wordt de volgende cliënt alvast met de rolstoel opgehaald.” In de mobiele praktijk werd de mondsituatie van de mensen gescreend. Aan de hand van de resultaten stelden de tandartsen individuele behandelplannen op. Vervolgens werden deze behandelplannen ingedeeld in een aantal behandelafspraken.
Positieve gevolgen
“Volgens ons is de pilot een succes. We hadden voor de tandheelkundige screening en het maken van afspraken slechts een kwartier nodig per bewoner. Ook met behandelingen kunnen we dus wel twintig mensen per dag in de praktijk ontvangen.” Ook de bewoners reageerden positief. “Het was niet belastend zoals normaal tandartsbezoek. Sterker nog, sommigen vonden het een uitje”, aldus Megens. Daarnaast hebben de verpleegkundigen er ook iets van geleerd: “Vaak vinden ze mondzorg niet prettig om te verlenen én ze zijn zich te weinig bewust van het belang ervan. Omdat ze nu ook even in contact komen met de tandarts, weten ze beter waar ze op moeten letten.”
Vervolg van de pilot
NoviaCura bevindt zich met de mobiele tandartspraktijk nog in de opstartfase. “We hebben het project in Tilburg nu afgerond en we hebben de resultaten verwerkt. Er is veel interesse voor het project, maar sommige instellingen hebben tijd nodig om aan het idee te wennen. Dat komt omdat veel instellingen het bedrijfsleven zien als een bedreiging voor goede zorg. Wij denken echter dat de mobiele praktijk voor bewoners, tandartsen én instellingen een hele goede oplossing is.”
