“Met een organisatiebrede aanpak bereiken we meer”
Sonja van Rooijen coördineert de Zorg voor Beter Verbetertrajecten die het Trimbos-instituut sinds een jaar voor instellingen in geestelijke gezondheidszorg verzorgt. “Projectmatig werken is lastig voor de deelnemers. Ze hebben goede ondersteuning van het management nodig.”
Wetenschappelijk medewerker Sonja van Rooijen concludeert dit na een vol jaar ervaring met verschillende rondes verbetertrajecten gericht op thema’s die spelen in de geestelijke gezondheidszorg: bemoeizorg, geest en lichaam, herstelgerichte zorg en sociale participatie.
Combi-verbetertrajecten
Vanaf 2009 wijzigt het aanbod voor ggz-instellingen omdat de thema’s vanaf dan alleen nog maar gecombineerd worden aangeboden. “Er zijn logische combinaties gemaakt van onderwerpen die goed bij elkaar passen”, vertelt Van Rooijen. De twee combi-verbetertrajecten die begin 2009 starten zijn herstelgerichte zorg in combinatie met sociale participatie en als tweede geest en lichaam (somatische comorbiditeit) in combinatie met medicatieveiligheid. Op 23 oktober wordt ’s middags in Utrecht een informatiebijeenkomst gehouden over de nieuwe combi-verbetertrajecten.
Weinig steun management
Instellingen doen in de combi-ronde mee met twee teams die elk met een verschillend thema aan de slag gaan. Het voordeel is dat de teams onderling veel van elkaar kunnen leren en de kunst van het verbeteren bij elkaar kunnen afkijken. “Het vasthouden van verbeterresultaten en de rol van het management daarbij krijgen volop aandacht in de nieuwe verbetertrajecten omdat we merken dat teams dat moeilijk voor elkaar krijgen. De projectmanagers van de deelnemende instellingen voelen zich vaak te weinig gesteund door het management. Wil je de veranderingen echt borgen dan moet je er breder in de organisatie op inzetten.”
Ideaal vervolgtraject
“Omdat de deelnemers aan de huidige verbetertrajecten voor hun gevoel nog maar net ‘op gang zijn’, is een vervolg in de vorm van een combi-verbetertraject ideaal om de verbeteringen in de zorg van de grond te krijgen”, vindt Van Rooijen. Ze hoopt daarom dat ook de huidige deelnemers zich inschrijven voor de combi-trajecten.
Positieve tussenbalans
Sonja van Rooijen is erg te spreken over de resultaten van de huidige verbetertrajecten. De werkconferenties zijn heel inspirerend. Ook is er bij alle deelnemende instellingen gemeten. In het verbetertraject Herstelgerichte zorg is een Amerikaans instrument voor modelgetrouwheidsmeting gebruikt, de zogenaamde ROPI (Recovery Oriented Practices Index). Door het houden van interviews met hulpverleners wordt op acht punten gemeten hoe herstel- of cliëntgericht ze zijn, hoe het staat met de basale zorg, in welke mate er vrijheidsbeperkende maatregelen worden toegepast en hoe de zorg wordt vertaald in behandelplannen. Op een vijfpuntsschaal is dan te zien hoe de instelling scoort. Teams stellen vervolgens hun eigen streefscores vast. De nametingen en de analyse ervan volgen nu op korte termijn en daarna presenteren de deelnemers hun werkplannen.
Combi-verbetertrajecten als vervolg
Deze verbetertrajecten lopen begin 2009 af. Van Rooijen: “Daarna kunnen de instellingen hun verbeteringen van de zorg voortzetten met behulp van de eerdergenoemde combi-verbetertrajecten. Hierbij doen instellingen mee met twee teams die met een verschillend thema aan de slag gaan. Daarbij kunnen ze kiezen uit Herstelgerichte zorg in combinatie met Sociale participatie en Geest en lichaam (somatische comorbiditeit) in combinatie met Medicatieveiligheid.”