Kleinschalig groepswonen
In de kleinschalige groepswoning wonen zes à zeven bewoners met dementie. De woning kan in de wijk of het dorp staan, op het platteland als zorgboerderij of onderdeel uitmaken van een groter zorgcentrum. Deze woonvorm is bedoeld voor cliënten die afhankelijk zijn van 24-uurstoezicht en –zorg.
Doel
Voor veel cliënten is de overgang van huis naar een zorgcentrum een grote stap. Zij missen daar een warme en vertrouwde sfeer. De omgeving geeft te weinig herkenning met het leven dat de cliënt tot opname leidde. De kleinschalige groepswoning probeert deze stap minder groot te maken. Kenmerkend voor de opzet is de overzichtelijke schaalgrootte, alles speelt zich af binnen de muren van de groepswoning, en de handelswijze die een gebruikelijke huishouding zo veel mogelijk benadert. Er is voor elke cliënt voldoende privacy, iedereen heeft een zit-slaapkamer, waar voor eigen meubeltjes een plaats is.
Het dagelijkse leven bestaat voor een belangrijk deel uit de gewone huishoudelijke activiteiten zoals het huis opruimen, boodschappen doen, koken, bezoek ontvangen. De begeleiders proberen het vertrouwde leven van de cliënten zo veel mogelijk te continueren, met plek voor individualiteit en eigen keuzes. Dit concept spreekt niet alleen cliënten aan, maar ook mantelzorgers en familie, die een rol van betekenis kunnen blijven spelen. Dit alles wordt georganiseerd door reguliere zorgaanbieders, soms in samenwerking met de thuiszorg, particuliere initiatiefnemers, eventueel in samenwerking met woningcorporaties.
Feiten en cijfers
Kleinschalig wonen is mogelijk als renovatie van het zorgcentrum of verpleeghuis aan de orde is of bij uitbreiding van het cliëntenbestand. Een andere mogelijkheid is om het zorgaanbod van een intramurale organisatie te ´extramuraliseren´, waarbij cliënten hun eigen woonruimte betalen. De gang van zaken in een kleinschalige groepswoning lijkt op die in een gezin. Het aantal bewoners is overzichtelijk, de activiteiten refereren aan die van een huishouding, de bewoners hebben voldoende privacy. Hierdoor is het wonen zo veel mogelijk een voortzetting van wat de cliënt thuis gewend was. De gemeenschappelijke woonkamer is de plek waar de cliënten elkaar ontmoeten.
Een variant op dit concept zijn de zorgboerderijen (kleinschalig wonen op het platteland). Een andere variant gaat meer uit van een individuele opzet, bijvoorbeeld negen appartementen die uitkomen op een gemeenschappelijke gang. Een derde variant is kleinschalig wonen binnen het zorgcentrum. Bij voldoende aantallen bewoners wordt wel het ´leefstijlconcept´ uitgevoerd. Elke woning kent dan zijn eigen karakteristiek bewoners uit een volksbuurt, uit een sjieke buurt, bewoners van buitenlandse oorsprong, kunstenaars.
Kleinschalige zorg is niet duurder dan traditionele zorg. Financiering van de bouw vindt meestal plaats via de wet ZiekenhuisVoorzieningen en financiering van het verblijf via de AWBZ-functies ´verblijf´ en ´verpleging´. Soms betalen de cliënten zelf hun huisvesting en krijgt de zorgaanbieder alleen het benodigde budget vanuit de functie ´verpleging´. We spreken in dat geval van ´scheiden van wonen en zorg´. Na indicatie door het RIO kan de cliënt afhankelijk van zijn keuze voor een bepaalde voorziening financiering krijgen voor de zorg vanuit de functie ´verpleging´ met de daarbij behorende eigenbijdrageregeling. Indien de cliënt voor een intramurale opname kiest, financiert de AWBZ ook de woonlasten via de functie ´verblijf´. Bij scheiden van wonen en zorg betaalt de cliënt zijn eigen woonlasten. De cliënten gezamenlijk betalen via servicekosten de lasten van de gemeenschappelijke huiskamer en een aantal andere posten zoals akoestische alarmering en het brandmeldsysteem.
Contact en informatie
Het RIO kan de cliënt op basis van zijn wensen advies over een zorgaanbod geven. Algemene informatie over kleinschalig wonen met dementie is te krijgen op een aantal websites, onder andere: www.iwz.nl of www.wonenmetdementie.nl.