Decubitus
Percentage cliënten met decubitus graad 2 t/m 4 die in de organisatorische eenheid (V&V) / tijdens de zorgperiode thuis (ZT) is ontstaan.
V&V / ZT
Verpleeg- & Verzorgingshuiszorg en Zorg Thuis
Niet meten bij:
- Cliënten die op de meetdag/ in de meetweek voor dit doel niet op decubitus onderzocht willen of kunnen worden
- Cliënten waarbij in de zorgovereenkomst of in het zorg(behandel-)-/leefplan in overleg met hen is vastgelegd dat wordt afgezien van systematisch onderzoek op decubitus t.b.v. het kwaliteitskader
- Bij Zorg Thuis: Cliënten die niet voor de functie verpleging en/of persoonlijke verzorging zijn geïndiceerd (dus alleen meten als de cliënt voor de functie verpleging en/of persoonlijke verzorging is geïndiceerd)
Teller
Het aantal cliënten met decubitus graad 2 t/m 4 (in de organisatorische eenheid / tijdens de zorgperiode thuis ontstaan) op de meetdag/ in de meetweek.
Noemer
Het aantal cliënten waarbij op de meetdag/ in de meetweek is gemeten.
Registratievragen
Heeft de cliënt decubitus?
□ Ja, van de volgende graad:
□ Graad 1
□ Graad 2
□ Graad 3
□ Graad 4
□ Nee
□ Onbekend:
□ cliënt wenst niet op decubitus onderzocht te worden
□ om andere reden onbekend
Zo ja: is de decubitus in de organisatorische eenheid / tijdens de zorgperiode thuis ontstaan?
□ Ja
□ Nee
□ Onbekend
Meer informatie
- Het gaat om decubitus graad 2 t/m 4 zoals gedefinieerd door het CBO. Zie het instructiemateriaal op Zorgvoorbeter.nl voor dit onderscheid in de graden.
- In het Toetsingskader van november 2005 wordt gesproken over risicocliënten. Dit wordt nog steeds meegenomen. Of iemand een risicocliënt is wordt achteraf bepaald bij de correctie voor zorgzwaarte. Dit gegeven wordt gebruikt bij de risicocorrectie.