<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<rss version="2.0"
 xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
 xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
 xmlns:admin="http://webns.net/mvcb/"
 xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#"
 xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/">

 <channel>
    
  <title>Zorg voor Beter: Management van kwaliteit</title>
   <link>http://www.zorgvoorbeter.nl/</link>
   <description></description>
   <dc:language>en</dc:language>
   <dc:creator>laura@basisvoorcommunicatie.nl</dc:creator>
   <dc:rights>Copyright 2012</dc:rights>
   <dc:date>2012-02-09T08:42:17+00:00</dc:date>
   <admin:generatorAgent rdf:resource="http://www.expressionengine.com/" />
    

    <item>
      <title>&#8220;Ruimte voor medewerkers én voor de wens van de cliënt&#8221;</title>
      <link>http://www.zorgvoorbeter.nl/onderwerpen/over/management-van-kwaliteit/interviews/ruimte-voor-medewerkers-en-voor-de-wens-van-de-client/</link>
      <guid>http://www.zorgvoorbeter.nl/&quot;onderwerpen/over&quot;/management&#45;van&#45;kwaliteit/interviews/ruimte&#45;voor&#45;medewerkers&#45;en&#45;voor&#45;de&#45;wens&#45;van&#45;de&#45;client/</guid>
      <dc:subject>management&#45;van&#45;kwaliteit</dc:subject>
      <content:encoded><![CDATA[	<p>Als professional de ruimte krijgen om je eigen werk vorm te geven. Zodat je taken niet voelen als een knellend harnas, maar als een luchtige zomerjurk. Dat gevoel willen de deelnemende instellingen aan het project ‘Van Harnas naar Zomerjurk’ hun medewerkers meegeven. Projectleider Rico Monasso: “Ons uiteindelijke doel is dat de cliënt écht centraal staat.”</p>	<p>“We willen professionals meer autonomie geven om zelf beslissingen te nemen”, legt Monasso uit. “Niet de leidinggevende vertelt wat er moet gebeuren, maar het team maakt samen afspraken. Je hebt dan allemaal je eigen verantwoordelijkheden en kunt je talenten beter inzetten. Zo doe je eerder wat je echt leuk vindt, waardoor je ook je werk beter doet.” Het gevolg voor cliënten is dat de medewerker de ruimte heeft om de wens van de cliënt centraal te zetten. </p>

<h2>Passen in visie</h2>

	<p>“Niet elke organisatie kan hiermee aan de slag: het moet passen bij de visie op zorg”, legt Monasso uit. “De meeste organisaties zeggen wel dat de cliënt centraal staat, maar wat betekent dat in de praktijk?” Monasso geeft een voorbeeld: een cliënt heeft eigenlijk zijn wekelijkse uur fysiotherapie, maar wil graag bij een feestelijke activiteit aanwezig zijn. “Wat gaat dan voor: zorg verlenen of meedoen aan de activiteit? Voor een zorgverlener is dat een dilemma, maar je moet durven kiezen voor ‘geen fysiotherapie’. Levensvreugde is belangrijk en kan fysieke klachten verminderen.”</p>

<h2>Vier instellingen</h2>

	<p>Monasso heeft het project in 2008 opgezet, samen met de bestuurder van de Van Neynselgroep in Den Bosch, Gabrielle Davits. Tussen 2008 en 2010 hebben vier pilotinstellingen meegedaan aan het project, met subsidie vanuit het Transitieprogramma in de Langdurende Zorg. “Met allemaal een andere aanpak”, legt Monasso uit. Zo heeft een instelling in- en externe coaches ingezet om de medewerkers te begeleiden. Zij leerden met een nieuwe blik te kijken naar de dagelijkse zorghandelingen en hun manier van omgaan met de cliënt. Een andere instelling heeft portretten van cliënten gemaakt, waardoor ze meer inzicht kregen in de persoon. </p>

<h2>In gesprek</h2>

	<p>Monasso geeft nog een voorbeeld: “In Groningen voelde het hele team veel werkdruk. Voor iedereen bleek de piek echter op een ander moment te liggen. Toen ze besloten elkaar te helpen op die pieken, daalde voor iedereen de werkdruk. Alleen door met elkaar in gesprek te gaan, kwamen ze tot een goede oplossing. Dat gebeurt nog veel te weinig.” Het project is naar eigen zeggen ‘niet hemelbestormend’, maar ‘je moet het wel even doen!’. De resultaten worden het komende half jaar geëvalueerd door de VU. “Maar de deelnemers aan de pilot willen in ieder geval niet meer terug naar de oude werkwijze.”  </p>

<h2>Zomerjurkateliers</h2>

	<p>Het project bij de vier instellingen is afgerond. Zij gaan de resultaten nu breder verspreiden binnen de organisatie. Monasso wil de resultaten ook graag bekend maken bij andere instellingen. Dat gebeurt met een werkboek ‘Van Harnas naar zomerjurk’ en met Zomerjurkateliers. “Tijdens deze bijeenkomsten kunnen zorgprofessionals met elkaar praten over dilemma’s die zij tegenkomen tijdens een innovatietraject. Hoe borg je verandering in de organisatie en wat vraagt dat van de mensen? Het doel is uit te vinden wat nodig is om een dergelijk veranderingstraject succesvol uit te voeren.”</p>

<h2>Ook aan de slag?</h2>

	<p>Instellingen die geïnteresseerd zijn, kunnen een Zomerjurkatelier bezoeken. Vervolgens kunnen zij desgewenst coaches van de betrokken instellingen of het <abbr>CAOP</abbr> inhuren. “We hopen andere instellingen met de ateliers en het werkboek te motiveren en te empoweren om hiermee aan de slag te gaan. We kunnen ze helpen bij de opstartfase, maar uiteindelijk moeten ze het wel zelf doen.”</p>

<h2>Meer informatie</h2>

	<ul>
		<li>Zie agenda voor het <a href="http://www.zorgvoorbeter.nl/actueel/agenda/2012/05/zomerjurkatelier/">eerste zomerjurkatelier</a> op 10 mei 2012</li>
		<li><a href="http://www.vanharnasnaarzomerjurk.nl">www.vanharnasnaarzomerjurk.nl</a></li>
	</ul>]]></content:encoded>
      <dc:date>2012-02-09T08:42:17+00:00</dc:date>
    </item>

    <item>
      <title>“Verzorgenden vaak in een lastige positie in de laatste levensfase van cliënt”</title>
      <link>http://www.zorgvoorbeter.nl/onderwerpen/over/management-van-kwaliteit/interviews/verzorgenden-vaak-in-een-lastige-positie-in-de-laatste-levensfase-van-clien/</link>
      <guid>http://www.zorgvoorbeter.nl/&quot;onderwerpen/over&quot;/management&#45;van&#45;kwaliteit/interviews/verzorgenden&#45;vaak&#45;in&#45;een&#45;lastige&#45;positie&#45;in&#45;de&#45;laatste&#45;levensfase&#45;van&#45;clien/</guid>
      <dc:subject>management&#45;van&#45;kwaliteit</dc:subject>
      <content:encoded><![CDATA[	<p>De zorg voor cliënten in hun laatste levensfase moet veel beter. V&amp;VN deelt deze mening en is daarom tijdens Zorg voor Beter on Tour aanwezig om zorgexperts voor te lichten over dit onderwerp. “Veel meer instellingen zouden beleid omtrent het levenseinde van cliënten moeten hebben”, aldus gespreksleider Aart Eliens.</p>	<p>Tijdens Zorg voor Beter on Tour, op 15 en 28 januari 2010, komen verzorgenden, verpleegkundigen en teamleiders uit de langdurige zorg uit het hele land samen om ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren. Bijvoorbeeld over hoe je om gaat met cliënten in hun laatste levensfase, waar één van de workshops over gaat.</p>

<h2>Ambivalente gevoelens</h2>

	<p>“Zorginstellingen hebben te maken met een kennistekort over levenseinde”, is de stellige overtuiging van Aart Eliens, senior beleidsadviseur bij Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland (V&amp;VN). Dat komt allereerst door de hectiek van alledag, waardoor verzorgenden en verpleegkundigen geen tijd hebben om er uitgebreid bij stil te staan. Daarnaast is het volgens de adviseur ook een zwaar en intensief proces. “Betrokkenen blijven niet gespeend van ambivalente gevoelens”, legt hij uit. “Tijdens de workshop is hier aandacht voor. Deelnemers wisselen ervaringen uit en geven elkaar tips hoe ze met een situatie om kunnen gaan.”</p>

<h2>De dood op de agenda</h2>

	<p>Om in alle rust over het sterfproces te kunnen praten, zet Eliens in op een vaste gespreksmomenten. Bijvoorbeeld tijdens het multidisciplinaire overleg waarbij alle betrokkenen aanwezig zijn, van pastoor tot verplegend arts. Kortom: de dood als agendapunt. Eliens: “Op zo’n moment is er aandacht voor elementaire zaken als ‘wat indien er euthanasie wordt uitgevoerd?’, ‘wie is het aanspreekpunt?’ en ‘hoe communiceren we dit?’. Zo kan iedereen uit eigen ervaring meedenken over de aanpak van problemen van bewoners bij het levenseinde.”</p>

<h2>Herhaaldelijk proces</h2>

	<p>Bij zorg in de laatste levensfase heb je als verzorgende naast de cliënt ook met zijn of haar familie te maken. “Zorgverleners moeten daarom leren dat het belangrijk is om vroegtijdig met cliënten en hun familieleden te spreken over hun wensen”, legt Eliens uit. “Belangrijk is dat het niet om één moment gaat waarop alles wordt besproken, maar dat het gaat om een herhaaldelijk proces van grote en kleine beslissingen waarbij alle wensen telkens opnieuw wordt getoetst en verfijnd.”</p>

<h2>Ontbreken beleid</h2>

	<p>Toch zitten verzorgenden vaak in een lastige positie, waarbij ze te maken hebben met eigen gevoelens, die van de cliënt en hun familie. “Om die reden zouden veel meer instellingen beleid over omgaan met het levenseinde moeten hebben”, aldus Eliens. “Dan hebben werknemers een hulpmiddel in handen, waarop zij terug kunnen vallen. Tijdens de workshop bespreken we de mogelijkheden die verzorgenden hebben om hiervoor binnen hun organisatie aandacht te vragen.”</p>

<h2>Communicatie</h2>

	<p>De workshop over het bespreekbaar maken van het levenseinde is bedoeld voor mensen die met de handen aan het bed staan. “Daarnaast zijn ook studenten van harte welkom”, benadrukt Eliens. “Zij hebben vaak al stage gelopen binnen een instelling en zijn getuige geweest van één of meer overlijdens. Zij hebben net als iedereen de behoefte daarover te praten. Helaas kunnen zij daarvoor niet altijd bij hun begeleiders terecht. Communicatie over dit onderwerp schiet er nog wel eens bij in.”</p>]]></content:encoded>
      <dc:date>2010-01-15T08:18:34+00:00</dc:date>
    </item>

    <item>
      <title>‘Door klein te beginnen, zijn onze klinische paden goed verankerd’</title>
      <link>http://www.zorgvoorbeter.nl/onderwerpen/over/management-van-kwaliteit/interviews/door-klein-te-beginnen-zijn-onze-klinische-paden-goed-verankerd/</link>
      <guid>http://www.zorgvoorbeter.nl/&quot;onderwerpen/over&quot;/management&#45;van&#45;kwaliteit/interviews/door&#45;klein&#45;te&#45;beginnen&#45;zijn&#45;onze&#45;klinische&#45;paden&#45;goed&#45;verankerd/</guid>
      <dc:subject>management&#45;van&#45;kwaliteit</dc:subject>
      <content:encoded><![CDATA[	<p>De winnaar van de verkiezing Management van Kwaliteit is bekend. Van 19 oktober tot 16 november kon gestemd worden op een van de 22 instellingen die met een project meedoen aan het verbetertraject. De winnaar: <abbr>GGZ</abbr> Eindhoven met het project Klinische paden. Projectleider Tom Joosten: “Betrokkenheid van hulpverleners en een grondige aanpak: dat zijn onze succesfactoren.”</p>	<p>De prijs die <abbr>GGZE</abbr> heeft gewonnen is een artikel over het project in Zorgvisie. Ook mag de organisatie het project (in samenwerking met Plexus) presenteren op het International forum om Quality en Safety in Health Care 2010 in Nice. Verdiend volgens de jury, want het project is volgens voorzitter Wim Schellekens ‘niet innovatief, maar wel grondig, instellingsbreed en goed geborgd’. </p>

<h2>Klinische paden</h2>

	<p>Klinische paden zijn niet nieuw. Joosten: “We gebruiken de methode van het netwerk Klinische paden. Die methode laat hulpverleners anders kijken naar het zorgproces. Een stapje terugdoen, loskomen van de dagelijkse praktijk en bepalen wat de ideale situatie is. Die situatie proberen we te implementeren. Daarmee doe je vaak een grote stap vooruit.”</p>

<h2>Klein begin</h2>

	<p>Joosten: “In 2007 zijn we met dit project begonnen. Heel klein, met twee pilotgroepen. Dat sloeg goed aan en dus zijn we daarna verder gegaan, met steeds meer groepen. Met medewerkers die worden opgeleid om hun eigen collega’s te begeleiden. Door dat langzaam opschalen is de methode nu goed verankerd in de organisatie.” </p>

<h2>Snel en toch goed</h2>

	<p>Een voorbeeld van een mooi resultaat is dat de doorlooptijd van sommige onderzoeken verkort is. Joosten: “Vroeger werd er iedere week een onderzoek afgenomen. Als je meer onderzoeken moet uitvoeren, dan duurt dat erg lang. Nu plannen we meer onderzoeken op één dag. Zo heeft een werkgroep de doorlooptijd van 100 dagen teruggebracht naar ongeveer 14 dagen.” Vrees en weerstand was er ook. “Bijvoorbeeld dat alles te snel zou gaan. Zeker in een sector met kwetsbare cliënten. Maar cliënten waren juist positief; ze zaten niet meer lang in onzekerheid.”</p>

<h2>Hard werken voor succes</h2>

	<p>“Waarom we de verkiezing hebben gewonnen? Ik denk vooral omdat we de invoering grondig hebben aangepakt. Klein beginnen en vervolgens langzaam uitbreiden. Daarnaast zijn onze medewerkers een grote succesfactor geweest: zij hebben hard en met enthousiasme gewerkt om het project een succes te maken. We hopen dat onze resultaten andere organisaties enthousiasmeren. Elke instelling zal echter zelf aan de slag moeten, want hoewel de methode goed lijkt te werken in de <abbr>GGZ</abbr>, kunnen andere instellingen onze klinische paden niet een-op-een overnemen. Elk pad is namelijk afgestemd op je eigen organisatie, <abbr>EPD</abbr>, en werkwijze. In Nice willen we het publiek onze resultaten laten zien en twee punten meegeven: ten eerste dat het goed mogelijk zorgprocessen in de <abbr>GGZ</abbr> te verbeteren met klinische paden. Ten tweede dat het niet iets vanzelfsprekend is: je moet er hard voor werken en succes is niet verzekerd. Daarom doen we ook onderzoek naar klinische paden en zorglogistiek, in samenwerking met het wetenschappelijk centrum Tranzo van de Universiteit van Tilburg.”</p>

<h2>Combinatie</h2>

	<p>&#8220;Ook in 2010 gaan we verder met het ontwikkelen van klinische paden. Dat moet ook wel, want gezien de groeiende zorgvraag kampen ook wij nog met wachtlijsten. Deze prijs is een enorme stimulans om hier hard aan te blijven werken. Mooi is dat we naast dit project bezig zijn met het project Routine Outcome Measurement (<abbr>ROM</abbr>). Dat project heeft als doel uitkomsten van zorg nog systematischer in beeld te krijgen. Daarmee hebben we een project over het proces én over het resultaat, een mooie combinatie. En dat past bij het streven van GGzE: de beste zorg bieden aan cliënten met bijzonder psychiatrische problematiek, in een gastvrije en gezondmakende omgeving.”</p>]]></content:encoded>
      <dc:date>2009-12-17T09:21:13+00:00</dc:date>
    </item>

    <item>
      <title>‘Door de verkiezing meer kennismaking met management van kwaliteit’</title>
      <link>http://www.zorgvoorbeter.nl/onderwerpen/over/management-van-kwaliteit/interviews/door-de-verkiezing-maken-meer-organisaties-kennis-met-management-van-kwalit/</link>
      <guid>http://www.zorgvoorbeter.nl/&quot;onderwerpen/over&quot;/management&#45;van&#45;kwaliteit/interviews/door&#45;de&#45;verkiezing&#45;maken&#45;meer&#45;organisaties&#45;kennis&#45;met&#45;management&#45;van&#45;kwalit/</guid>
      <dc:subject>management&#45;van&#45;kwaliteit</dc:subject>
      <content:encoded><![CDATA[	<p>Het verbetertraject Management van kwaliteit loopt op zijn einde. Tijd om de balans op te maken. Dat gebeurt met een verkiezing voor het beste project. Emmeline Kunst, die de projecten met enkele collega’s vanuit Plexus heeft ondersteund: “Het gaat erom welke projecten effectief en innovatief zijn en van welke projecten de kennis gemakkelijk over te dragen is. Want dat is wat we willen: dat meer organisaties ermee aan de slag gaan.”</p>	<p>De 22 organisaties die deelnemen aan het verbetertraject zijn met zeer diverse projecten aan de slag gegaan. Kunst: “Er is een organisatie die hun eerdere deelname aan het verbetertraject Decubitus uit de eerste ronde een vervolg willen geven. Zij meten heel praktisch met hoeveel procent het aantal gevallen afneemt. Een andere organisatie is meer op organisatorisch vlak actief. Zij richten zich op de empowerment van medewerkers. Als Plexus begeleiden we dit project op het gebied van het borgen van kennis en verspreiden van resultaten. Hoe doe je dat?”</p>

<h2>Actueel onderwerp</h2>

	<p>“Management van kwaliteit is actueel in de zorg. De cliënt is consument geworden, daarmee kritischer, en daarom moet een organisatie laten zien dat ze kwaliteit levert. Daarvoor moet het management van kwaliteit goed op orde zijn. Maar goede resultaten borgen en spreiden blijkt vaak zelfs binnen de organisatie al moeilijk. Dat heeft vooral te maken met de drukte van de dagelijkse werkzaamheden, er is gewoon geen tijd om de resultaten met elkaar te delen. Overigens is een belangrijke voorwaarde voor een goede borging en spreiding dat de resultaten en werkwijze gedragen worden door de organisatie. Als een bestuurder er geen weet van heeft, wordt het moeilijk om resultaten te verspreiden in onderliggende lagen van de organisatie.”</p>

<h2>Geslaagd project</h2>

	<p>Maar, ook met het oog op de verkiezing, wanneer is een project nu geslaagd? Kunst: “Aan het begin hebben we het daar met alle projectleiders over gehad. Samen hebben we doelen geformuleerd, ten eerste op het gebied structuur. Een van de organisaties wilde bijvoorbeeld een <abbr>ECD</abbr> invoeren. Op het gebied van structuur kun je je dan afvragen of het <abbr>ECD</abbr> er uiteindelijk is. Ten tweede gaat het over doelen op het gebied van het proces: werken mensen met het <abbr>ECD</abbr>? Ten derde gaat het over de uitkomst. In het geval van het <abbr>ECD</abbr> zou het sneller moeten werken dan voorheen doordat het overdragen makkelijker gaat. Kost dat echt minder tijd? De overkoepelende vraag hierbij is natuurlijk of alles helpt om de opgedane kennis over het project op een goede manier over te dragen.”</p>

<h2>Verkiezing zorgt voor aandacht</h2>

	<p>Genoemde punten spelen ook een rol bij de verkiezing van het beste project. Deze is in het leven geroepen om de projecten bij andere organisaties onder de aandacht te brengen. “Het mooiste is natuurlijk als niet-deelnemende zorginstellingen de telefoon pakken om te leren van de ervaringen van andere organisaties”, vertelt Kunst. Iedereen kan stemmen op het beste project. Uit de top drie zal een vakjury de winnaar kiezen. Deze jury zal onder andere onderzoeken of het project effectief, innovatief is en of de kennis goed is over te dragen. “Vooral dat laatste is soms lastig, bijvoorbeeld als het gaat over een verandering in de cultuur of structuur. Maar als het idee innovatief is, hoeft dat geen belemmering te zijn.” </p>

<h2>Internationale prijs</h2>

	<p>Inmiddels zijn er zo’n 3500 stemmen uitgebracht, stemmen kan nog tot 16 november. Begin december wordt het winnende project bekend gemaakt. Kunst: “En die gaat niet alleen met de eer naar huis. Ze krijgen namelijk een artikel in Zorgvisie en mogen hun project presenteren tijdens het International forum of Quality en Safety in Health Care 2010 in Nice. Daar zijn zorgaanbieders, consultants en patiëntenorganisaties vanuit de hele wereld aanwezig. Een betere verspreiding van kennis kan haast niet!” </p>

<h2>Meer informatie</h2>

	<p>Lees meer over de <a href="http://www.zorgvoorbeter.nl/onderwerpen/over/management-van-kwaliteit/verkiezing-management-van-kwaliteit/">verkiezing en de deelnemende organisaties</a>. U kunt uw stem niet meer uitbrengen. Half december wordt de winnaar bekendgemaakt.</p>]]></content:encoded>
      <dc:date>2009-11-12T08:59:03+00:00</dc:date>
    </item>

    
    </channel>
</rss>
